Om de verontreiniging van de bagger te bepalen worden de werkelijk gemeten gehaltes van een bepaalde vervuilende stof eerst gecorrigeerd naar vergelijkbare gehaltes in de zogenaamde standaardbodem. Een standaardbodem is een bodemsoort die voor 10 %uit organische stof en voor 25 % uit lutum (zeer kleine bodemdeeltjes) bestaat. De gehaltes aan humus en lutum bepalen voor een belangrijk deel de mogelijkheid waarmee een bodem bepaalde verontreinigingen kan absorberen. Dat geldt vooral voor zware metalen en een aantal organische stoffen. Daarom wordt er op de werkelijk gemeten gehaltes een bodemcorrectiefactor toegepast. Op die manier kunnen voor ieder bodemtype de gestandaardiseerde gehaltes berekend worden. Die gestandaardiseerde gehaltes (ook wel de gecorrigeerde meetresultaten genoemd) worden getoetst aan de normen zoals die door VROM zijn vastgesteld.
Nationaal is vastgelegd (in de 4e nota waterhuishouding en in het bouwstoffenbesluit) op welke verontreinigingen de bagger onderzocht moet worden. Voor ieder van deze stoffen zijn normwaarden vastgesteld.
De streefwaarde: De waarde die het kwaliteitsniveau aangeeft waarbij de risico's voor mens, plant en dier bij de stand van de huidige kennis verwaarloosbaar worden geacht.
De grenswaarde: De grenswaarde vormt de grens tussen klasse 1 en klasse 2.
De toetsingswaarde: De waarde waarbij zoete baggerspecie op het land of in zoet oppervlaktewater verspreid mag worden, veilig voor planten en dieren.
De interventiewaarde: De waarde die aangeeft bij welke concentratie sprake is van ernstige of dreigende ernstige risico's voor mens, plant of dier. Bij gehalten boven de interventiewaarde is sprake van een ernstig verontreinigingde waterbodem.
De streef-, grens-, toetsings- en interventiewaarden worden door VROM vastgesteld. Normen voor het gehalte stoffen in bagger worden uitgedrukt in milligrammen per kilogram droge stof of in microgrammen per kilogram droge stof.
Stof | Streefwaarde(mg/kg ds) | Grenswaarde(mg/kg ds) | Toetsingswaarde(mg/kg ds) | Interventiewaarde(mg/kg ds) |
|---|---|---|---|---|
Arseen | 29 | 55 | 55 | 55 |
Cadmium | 0,80 | 2,00 | 7,50 | 12 |
Chroom | 100 | 100 | 380 | 380 |
Koper | 36 | 36 | 90 | 190 |
Kwik | 0,3 | 0,5 | 1,60 | 10 |
Nikkel | 35 | 35 | 45 | 210 |
Lood | 85 | 530 | 530 | 530 |
Zink | 140 | 140 | 720 | 720 |
PAK (10 stoffen) | 1,0 | 1,0 | 10 | 40 |
PCB (7 stoffen) | 20 | - | 200 | 1000 |
OCB |
| 1000 |
|
|
Minerale olie | 50 | 1000 | 3000 | 5000 |
DDT | 0,09 (µg/kg ds) | - | - | - |
Kijk voor meer informatie op de website van het RIVM of voor een volledig overzicht op http://www.waterbodem.nl/index.php?normen
Na de toetsing van de gecorrigeerde meetresultaten (de gestandaardiseerde gehaltes) aan de normen kan de bagger in een bepaalde kwaliteitsklasse ingedeeld worden. Dat gaat op de volgende manier:
baggerklasse | Omschrijving |
|---|---|
klasse 0 | voldoet aan de streefwaarden |
klasse 1 | overschrijdt de streefwaarden, maar voldoet aan de grenswaarden |
klasse 2 | overschrijdt de grenswaarden, maar voeldoet aan de toetsingswaarden |
klasse 3 | overschrijdt de toetsingswaarden, maar voldoet aan de interventiewaarden |
klasse 4 | overschrijdt de interventiewaarden |
