Verslag commissie bestuurszaken 16 september 2002

Logo van het hoogheemraadschap van Rijnland
 

Sidebar

Home > Bestuur > Agenda´s en verslagen > Archief verslagen commissies > Commissie Bestuurszaken > Verslagen 2002 > Verslag commissie bestuurszaken 16 september 2002

Verslag commissie bestuurszaken 16 september 2002

Agenda

I Opening

IV Subsidie Stoomgemaal Halfweg

V Waterbeheer 21e eeuw: watertoets

VI Project Doelen Waterbeheer Rijnland

VIII Grondaankoop nabij Rijnlandshuis (aangrenzend perceel Bio Sciencepark)

X Verslag commissievergadering d.d. 10 juni 2002

XI Mededelingen

    1. Pilot Noordwijkerhout
    2. Tussenrapportage project "oude zakelijke rechten"
    3. Brief WLTO en KAVB inzake Pact van Teylingen

XII Rondvraag

Overige agendapunten

  1. Schadevergoedingen peilvakken De Zilk
  2. Voortgangsrapportage Arbeidsomstandigheden 2001
  3. Bestuursrapportage t/m periode 4-2002
  4. TAM-lijst

Aanwezig

ir. E.H. van Tuyll van Serooskerken (voorzitter)

J.L. van Klaveren (plv. voorzitter)

drs. C. Bremmer, P.J. van der Geest, mw. drs. J. de Jongh, F.J.M. Lagas, E.C. de Meijer, ir. J.E.M. van Velsen (leden);

mr. C.C. Bakker (secretaris)

Afwezig

H. van der Smit

Tribune

mr. drs. A.R. van Kampen (wnd. hJBZ)

Concept verslag

I Opening

De voorzitter heet de aanwezigen welkom. De agenda wordt conform voorstel vastgesteld.

IV Subsidie Stoomgemaal Halfweg

De heer Bremmer merkt op dat de voorwaarden van subsidieverlening niet in het besluit staan vermeld. Verder vindt hij de tekst van het voorstel niet duidelijk wat de berekening van de bijdrage betreft.
De voorzitter zegt toe de voorwaarden aan het besluit toe te voegen.

Verder akkoord.

V Waterbeheer 21e eeuw: watertoets

De commissie uit waardering voor de aangedragen instrumenten, maar heeft wel enkele vragen.

Zo vraagt de heer De Meijer met betrekking tot de Waterparagraaf hoe de norm van minimaal 6% open water is onderbouwd. Waarom niet bijvoorbeeld 10 of 11%, zoals de provincies stellen (bijlage 5). Verder wijst hij erop dat de wens, om alle watergangen daadwerkelijk de bestemming water te geven, heel wat met zich mee zal brengen.

De heer Van Velsen benadrukt de noodzaak van een goede onderbouwing van de door Rijnland te geven adviezen. Zonder kracht van argumenten zal ook de genoemde norm van 6% open water weinig gezag uitstralen, aldus spreker.

De heer Van der Geest benadrukt hij dat het beginsel om water in de polder niet op te knippen soms averechts zal werken (Waterparagraaf, pag. 7). Verder informeert hij of Rijnland met de rol van planologisch adviseur mede verantwoordelijkheid op zich neemt voor eventuele planschade.

Mevrouw De Jongh voert aan dat de verantwoordelijkheid van Rijnland primair dient te worden bezien vanuit de wettelijke taak.

De heer Bremmer vraagt naar de status en mogelijk externe werking van de interne Werkwijzer (beleidsregel?) en mist de uitwerking van het aspect veiligheid in de toetsingscriteria.

De voorzitter verduidelijkt dat de norm van 6% open water voortvloeit uit het WBP 2000. Nu wordt gesteld dat dit in principe het minimum is, al kan daar naar boven en beneden gemotiveerd van worden afgeweken. Is bijvoorbeeld ter plekke meer water te bergen dan gebruikelijk, dan kan met een geringer percentage worden volstaan. Zo zijn er ook situaties waar meer dan 6% gevraagd kan worden. Bijlage 5 geeft een samenvatting van het provinciaal beleid hieromtrent. Het verbod van opknippen van water in de polder is volgens de voorzitter een hoofdregel, waar niet licht, maar zonodig wel beargumenteerd van kan worden afgeweken. De voorzitter zegt toe het veiligheidsaspect als toetsingscriterium nader toe te zullen lichten. Over de juridische positie van Rijnland als planologisch adviseur benadrukt de voorzitter dat Rijnland slechts advies geeft, doch waar nodig gebruik zal maken van het recht beroep op de rechter in te stellen.

De secretaris voegt toe dat de Wet op de Ruimtelijke Ordening de gemeente uitdrukkelijk als eerste verantwoordelijke noemt ingeval iemand zich benadeeld voelt door een bestemmingswijziging (planschade). De WRO biedt daarnaast een gemeente de mogelijkheid om met de bestemmingswijziging in redelijkheid gemaakte extra kosten (waaronder planschade) geheel of gedeeltelijk op een andere overheid te verhalen, indien en in zoverre die andere overheid met de bestemmingswijziging is gebaat. Rijnland loopt derhalve als adviseur in de Watertoets enig risico op (doorgeschoven) kosten.

Wat de status van de interne Werkwijzer betreft is volgens de Algemene wet bestuursrecht slechts sprake van een (extern werkende) beleidsregel, indien daarin op voorhand een afwegingskader is ingevuld, om te komen tot concrete richtlijnen hoe om te gaan met een bepaalde beslissingsbevoegdheid. De Werkwijzer is naar de mening van de secretaris moeilijk als beleidsregel te zien, alleen al omdat Rijnland geen beslissingsbevoegdheid toekomt in de ruimtelijke ordening.

De commissie concludeert dat de Werkwijzer intern gereedschap is ten behoeve van de ambtelijke dienst.

De heer Van Velsen adviseert tot slot de instrumenten van de watertoets in één à twee jaar te evalueren op hun inhoud en werkwijze.

De heer Bremmer stelt daarop voor in het besluit de datum van betreffende stukken (juni 2002) te vermelden.

De voorzitter zal beide suggesties onder de aandacht van het college brengen.

Verder akkoord.

VI Doelen Project Waterbeheer Rijnland

Mevrouw De Jongh wijst op het onderscheid tussen taken en doelen. De taken van Rijnland zijn wettelijk vastgelegd, de doelen moeten daarvan zijn afgeleid, aldus spreker.

De heer De Meijer voegt daaraan toe dat de doelen op Rijnlands niveau als een uitvloeisel kunnen worden gezien van het rijksbeleid.

Verder akkoord.

VIII Grondaankoop nabij Rijnlandshuis (aangrenzend perceel Bio Sciencepark)

De voorzitter licht toe dat de grond in eigendom wordt verworven. Rijnland heeft als overheid als enige grond in eigendom in het Bio Sciencepark. Alle overige kavels heeft de gemeente in erfpacht uitgegeven. Gezien de "zicht toezegging" aan Katwijk Farma is aaneen bouwen niet mogelijk; dit laat een verbinding tussen de gebouwen overigens wel mogelijk.

De heer Van Velsen informeert of er erfdienstbaarheden of andere zakelijke rechten spelen, wijzend op de light-rail verbinding en de wandelpaden.

De voorzitter zal dit in het verslag beantwoorden.

De heer De Meijer vraagt zich af of er twee bedrijfsculturen zullen ontstaan.

De voorzitter antwoordt dat hij zich zal inspannen er zoveel mogelijk één geheel van te maken.

Verder akkoord.

Noot: Op het huidige perceel rusten geen zakelijke rechten ten gunste van derden. Met de gemeente zijn afspraken gemaakt over de wandelpaden. De light-rail verbinding zal geheel binnen het profiel van de Plesmanlaan worden gerealiseerd.

X Verslag commissievergadering d.d. 10 juni 2002

Het verslag wordt zonder opmerkingen vastgesteld.

XI Mededelingen

1. Pilot Noordwijkerhout.

    Kennisgenomen.

2. Tussenrapportage project "oude zakelijke rechten"


    Kennisgenomen.

3. Brief WLTO en KAVB inzake Pact van Teylingen

De voorzitter en de heer Van Klaveren lichten de achtergrond van de brief toe.

De heer De Meijer merkt op dat Rijnland concreter op de zaak ingaat de WLTO.

De heer Lagas vraagt hoe de Pact zich verhoudt tot de discussie over de peilvakken in De Zilk.

De heer Van Klaveren antwoordt dat Rijnland kritiek heeft op de waterkwaliteit in het gebied, maar dat de discussie over de peilvakken in eerste instantie over kwantiteit gaat. Niettemin vormt de kwaliteit van water vanuit de peilvakken een belangrijk aandachtspunt.

Verder kennisgenomen.

XII Rondvraag

De voorzitter gaat naar aanleiding van de vraag van de heer Van Velsen van 4 september jongstleden in op de positie van de secretaris /algemeen directeur. De VV zal hierover zo spoedig mogelijk een voorstel ontvangen.

De voorzitter wijst verder op het Rijnlandse symposium op 8 oktober aanstaande. Er zijn tot op heden weinig aanmeldingen ontvangen.

De cursus "Efficiënt lezen" zal binnenkort aan de VV wordt toegezonden.

Voorts meldt hij dat de eerste reacties op het voorstel omtrent de reorganisatie van de waterschappen binnen zijn en aan de VV ter kennisname worden toegezonden.

De heer Bremmer oppert tenslotte de lunch in de VV voortaan niet al te zeer uit te stellen. In zijn beleving zou een tijdige pauze de concentratie en kwaliteit van vergaderen ten goede komen.

De voorzitter erkent het probleem, maar voegt toe dat de vergadering na de lunch evenzeer aan kwaliteit zal inboeten. Hij staat open voor suggesties.

Overige agendapunten

1. Schadevergoedingen peilvakken De Zilk (voor advies)

De heer Van Klaveren licht toe dat het voorstel thans afwijkt van de eerdere berichten aan de VV, maar dat niettemin wordt voorgesteld geen nadere schaderegeling te maken die verder gaat dan de wettelijke. Wel pleit hij ervoor intern voorbereid te zijn op eventuele claims, door het eigen handelen van Rijnland goed te documenteren.

De commissie bespreekt de vraag hoe groot de kans is dat zich een dergelijke overlastsituatie (-0,40m N.A.P.) zal voordoen. Mede door de voorgenomen uitbreiding van het gemaal Katwijk en de toekomstige extra afwatering in de duinrand schat men de kans op circa eens per honderd jaar. Bovendien zal een gedupeerde het causale verband tussen zijn schade en handelen van Rijnland moeten aantonen. In tijden van regulier boezembeheer overigens komt schade bij kwekers voor eigen rekening, als behorend tot het normale bedrijfsrisico.

De commissie gaat akkoord met het voorstel.

2. Voortgangsrapportage Arbeidsomstandigheden 2001

Kennisgenomen.

3. Bestuursrapportage t/m periode 4-2002

Kennisgenomen.

4. TAM-lijst

De voorzitter licht toe dat afgedane zaken voortaan eenmalig onder Afhandeling op de lijst worden vermeld.

Verder kennisgenomen.

Aldus vastgesteld in de vergadering van de Commissie Bestuurszaken van 30 september 2002.

Naar boven