Reactie op concept-slotdocument Water Wegen
Beantwoording vraag ex artikel 30 van het Orde van de Verenigde Vergadering van de heer W.A. Sanders
Zienswijze ontwerp-aanwijzingsbesluiten Natura 2000
Resultaten zelf doen of uitbesteden bedrijfsrestaurant en catering
Liquiditeitsprognose januari tot en met december 2007 en 2008 tot en met 2011
2e financiële voortgangsrapportage frictiekosten doelmatigheidsonderzoek
Rapport agrarische meetnetten van bestrijdingsmiddelen 2005
Gebiedsuitwerking Haarlemmermeer
Studie toekomstig waterbezwaar masterplan
Handhaving oppervlaktecriterium voor beleidsregel Peilafwijkingen
Geen-spijt maatregelen polder Vierambacht/ gemaal Ridderveld
Verlenging peilbesluit Munniken- Zijlaan- en Meijepolder
Voorbereidingskredieten Spaarndammerdijk en Goejanverwelledijk
Aankoop extra grond awzi Velsen
Eigendommenbeleid; wijziging Rijnlands opstalrecht; minimum en maximum opstalvergoeding per m2
Wm-vergunning AWZI Alphen Noord
Vergaderstuk: 07.
Ingediend door: DGF/AZ
Het onlangs verschenen concept-slotdocument “Water Wegen”, aangeboden door de Unie van Waterschappen geeft een antwoord op de vraag wat de rol en de positie van waterschappen in 2016 moet zijn.
Besloten wordt vanuit twee denkbare benaderingswijzen een zienswijze te formuleren, waarbij aangegeven wordt dat Rijnland open staat voor experimenten om het “anders” te doen dan binnen bestaande structuren.
Verder wordt besloten het onderwerp te agenderen voor de VV om deze te betrekken in de zienswijze, mits de Unie instemt met enig uitstel in de tijd.
Vergaderstuk: 07.03978
Ingediend door: DGF/AZ
De heer W. Sanders heeft ex artikel 30 van het Reglement van Orde van de Verenigde Vergadering een aantal vragen gesteld naar aanleiding van de door hem ontvangen uitnodiging tot stemmen op VVD-kandidaten voor Provinciale Staten, waarbij als stemmogelijkheden internet, telefoon en post werden aangeboden. Dit zou zijn inziens kunnen lijken op een inbreuk op de door Rijnland geoctrooieerde stemprocedure.
Het antwoord op de vragen vast te stellen.
Vergaderstuk: 07.03666
Ingediend door: Groen/AZ
Momenteel liggen 111 ontwerp-besluiten tot aanwijzing van “Natura 2000-gebieden” in de inspraak.
Besloten wordt een zienswijze in dienen, waarin de nadruk wordt gelegd op de effecten op onze wettelijke taakuitoefening. En dat in de aanwijzingsbesluiten daarmee onvoldoende rekening is gehouden. De oplossing moet gaan richting ontheffing van bepaalde verplichtingen richting waterschap.
Vergaderstuk:07.01102
Ingediend door: DGF/WBZ
Eén van de actiepunten van de op 18 mei vastgestelde nota ‘zelf doen of uitbesteden’ was een onderzoek naar de uitbestedingsmogelijkheden voor de in eigen beheer uitgevoerde bedrijfsrestaurant- en cateringwerkzaamheden.
Tot het nemen van een voorgenomen besluit over de volgende zaken. Voorgenomen, omdat aan de OR advies zal worden gevraagd.
De werkzaamheden voor catering en bedrijfsrestaurant op basis van de gewenste situatie worden niet uitbesteed dan strikt nodig. Medewerkers blijven voor zover de
Vergaderstuk:07.01260
Ingediend door: Groen/WPC
Op 10 oktober 2006 heeft J. van Wieringen een bezwaarschrift ingediend tegen het op 25 september 2006 door het hoogheemraadschap genomen besluit de eerder aan J. Luiten verleende vergunning in te trekken en een tijdelijke vergunning (tot 1 november 2011) te verlenen voor het hebben van een reeds gebouwde steiger achter de Beuklaan 12 te Hazerswoude Dorp.
Het bezwaarschrift van de heer Van Wieringen niet-ontvankelijk te verklaren.
Vergaderstuk: 07.01258
Ingediend door: Groen/WPC
Op 15 september 2006 heeft Holsteijn Timmermans Advocaten namens de heer F. van Oekel en de heer R. Kelder een bezwaarschrift ingediend tegen de op 3 juli 2006 door het hoogheemraadschap genomen besluiten vergunning te weigeren voor het hebben van een steiger boven boezemwater.
De weigeringsbesluiten van 3 juli 2006 in stand te laten.
Vergaderstuk: 07.01259
Ingediend door: Groen/WPC
Op 28 september 2006 heeft Cobraspen Beheer B.V. een bezwaarschrift ingediend tegen het op 21 augustus 2006 door het hoogheemraadschap genomen besluit vergunning te weigeren voor het dempen van 220 m² boezemwater, het vergraven van 220 m² land tot boezemwater en het maken en hebben van een beschoeiing in een watergang te Haarlem.
Het weigeringsbesluit van 21 augustus 2006 in stand te laten, maar verwijdert daaruit de overweging ten aanzien van de functie van de sloot als (toekomstige) verbindingssloot.
Vergaderstuk: 07.01531
Ingediend door: van Velsen/FIN
Met behulp van de liquiditeitsprognose wordt een inzicht verkregen in de liquiditeitspositie voor de komende maanden. De liquiditeitsprognose kan vervolgens gebruikt worden bij het bepalen de hoogte van eventueel aan te trekken middelen of bij het uitzetten van (tijdelijk) overtollige middelen.
Kennis te nemen van de liquiditeitsprognose
Vergaderstuk: 07.03956
Ingediend door: DGF/FIN
Na de vaststelling van de uitkomsten uit het doelmatigheidsonderzoek is in de eerste helft van 2006 een start gemaakt met het transformatieproces.
De 2e financiële voortgangsrapportage “frictiekosten doelmatigheidsonderzoek “ voor kennisgeving aan te nemen en eveneens ter kennisgeving te agenderen voor de commissie Bestuur- en Concern-zaken van 28 februari 2007
Vergaderstuk: 06.32744
Ingediend door: Rosendal/WPC
De lozingen van bestrijdingsmiddelen worden via een individuele vergunning of via de
algemene regels geregeld. Rijnland monitoort jaarlijks de concentraties van bestrijdingsmiddelen in het oppervlaktewater in de agrarische gebieden. In dit rapport zijn de meetresultaten van bestrijdingsmiddelen van 2005 in glastuinbouw, bollenteelt en boomteelt weergegeven. Naast de meetresultaten is in dit rapport ook een trend geschetst met de vorige meetperiode 2003-2004 voor glastuinbouw en bollenteelt. Bij boomteelt is vergelijking gemaakt met de meetperiode 2000-2002. Ten slotte zijn in dit rapport op basis van de meetresultaten aanbevelingen en acties geschetst.
Uit de meetresultaten blijkt dat in de onderzochte agrarische gebieden overschrijdingen van verschillende bestrijdingsmiddelen worden aangetroffen. In het glastuinbouwgebied is 31% stoffen normoverschrijdend, in het bollengebied is het 40% en in het boomteeltgebied ligt 29% van de gemeten stoffen boven de MTR norm. Voor sommige bestrijdingsmiddelen worden zelfs extreem normoverschrijdende hoeveelheden in het oppervlaktewater gemeten. Ook zijn in de gebieden van de verschillende sectoren meerdere stoffen van middelen aangetroffen waarvoor toelating al is vervallen.Deze resultaten betekenen dat er door alle drie sectoren nog grotere inspanning geleverd moet worden.
Tevens valt op dat op één locatie hogere of meer overschrijdingen van bestrijdingsmiddelen in het oppervlaktewater worden aangetroffen dan op andere locaties binnen een teeltgebied. Dit leidt tot aanbeveling om op deze locaties en op bedrijfsniveau nader onderzoek te verrichten. In het bijzonder moeten de emissieroutes onder de loep genomen worden.
Ten slotte zullen de resultaten van dit onderzoek worden gebruikt om de meetstrategie (locaties, stoffen en frequentie) te evalueren. Deze evaluatie is voorzien in 2007, zodra de landelijke rapportage monitoring bestrijdingsmiddelen beschikbaar is.
1. Het rapport “Agrarische meetnetten 2005” vast te stellen en te verspreiden onder de sectorvertegenwoordigers, overheden, bedrijven;
2. De sectorvertegenwoordigers n.a.v. dit rapport te verzoeken om hun acties t.b.v. vermindering van de bestrijdingsmiddelen in het oppervlaktewater te presenteren;
3. Een persbericht over de meetresultaten van 2005 uit te laten gaan;
4. De aanbevelingen, opgenomen in hoofdstuk 4 van dit rapport, in een apart project(-en) uit te voeren; in 2007 wordt hiervoor een Plan van aanpak geschreven; uitvoering in 2008.
Vergaderstuk: 07.03477
Ingediend door: Straathof/WPC
Als uitwerking van de Nota ruimte hebben de provincie Noord- en Zuid-Holland, in samenwerking met de gemeente Haarlemmermeer en Rijnland, vorig jaar de gebiedsuitwerking Haarlemmermeer-Bollenstreek opgesteld. Om tot realisatie van alle ambities te komen is een proces van gebiedsontwikkeling noodzakelijk waarbinnen rijk, provincie, gemeente en Rijnland intensief zullen moeten samenwerken aan de realisatie van de ambities. Voordat de publieke partijen tot concrete afspraken over de realisatie van alle ambities kunnen komen, moet er veel uitgezocht worden. Om de inzet van mensen en middelen voor realisatie door alle partijen (m.n. door het rijk) te garanderen, start het stappenplan met een startovereenkomst.
1. De startovereenkomst ‘Naar een Bestuursovereenkomst voor realisatie van ambities uit de Gebiedsuitwerking Haarlemmermeer’ te ondertekenen. Rijnland zegt hiermee toe dat zij de benodigde inspanning zal leveren, zoals omschreven in het stappenplan, om te komen tot een bestuursovereenkomst die bijdraagt aan de realisatie van de ambities zoals opgesteld in de Gebiedsuitwerking Haarlemmermeer-Bollenstreek. Met het vaststellen van de startovereenkomst kiest Rijnland voor:
a. het hanteren van de Gebiedsuitwerking Haarlemmermeer als uitgangspunt voor de toekomstige ruimtelijke ordening.
b. een zelfstandige realisatie van de piekberging van 1.000.000 m3 los van de gebiedsontwikkeling, waarbij 2012 wordt vastgehouden als realisatiedatum (zoals vastgelegd in het WBP).
Voor de seizoensberging van 2.000.000 m3 wordt het proces uit de startnotitie
a. verder gevolgd
2. De bouwstenen voor een strategie voor het voor het bewaken van de samenhang tussen huidig en gewenst waterbeheer met de ruimtelijke projecten en ontwikkelingen in de Haarlemmermeer vast te stellen. Samengevat gaat het om de volgende uitgangspunten:
a. Voorlopig zijn huidige functies leidend de inrichting van het waterbeheer
b. Het waterlichaam, benoemd voor de Europese kaderrichtlijn, bestaande uit de hoofdvaart met enkele zijtochten, stelt Rijnland niet meer ter discussie.
c. Rijnland blijft betrokken bij de verdere realisatie van de ambities uit de gebiedsuitwerking met als consequentie dat er voor de uitwerking van het huidige beleid (waaronder KRW en NBW) geen grote ruimteclaims, naast de reeds geclaimde ruimte, worden gemaakt.
d. Uitgangspunt voor zoetwatervoorziening aan de westkant van de Haarlemmermeer is de seizoensberging van 2 miljoen m3/jaar, waarbij nader onderzoek gewenst is.
e. Voor de Europese Kaderrichtlijn stuurt Rijnland aan op een pragmatisch invulling met de nadruk op werk met werk maken. Bij de aanleg van nieuw water worden de ecologische doelen benoemd en meegenomen in het maatregelenpakket.
f. Als onderdeel van de gebiedsuitwerking wordt gekeken hoe de verevening van kosten voor de realisatie van groen/blauwe ontwikkelingen en winsten bij de realisatie van woningen.
Vergaderstuk: 07.03957
Ingediend door: Straathof/WPC
Het concept VV-voorstel geeft een samenvatting van de conclusies van het masterplan Studie toekomstig waterbezwaar.
Vergaderstuk: 07.03456
Ingediend door: Groen/WPC
Op basis van de provinciale verordening waterkering West-Nederland moeten in de komende jaren de genormeerde regionale waterkeringen worden getoetst aan de vastgestelde veiligheidsnormen. Keringen die niet aan de veiligheidsnorm blijken te voldoen moeten vervolgens worden versterkt.
In het WBP 2006-2009 zijn onder het doel “Stabiele regionale keringen” deze beide maatregelen al opgenomen als maatregelnummers 19 en 21. Daarbij is voor de toets uitgegaan van de uitvoeringsperiode 2007-2012 en voor de verbeteringsslag van de uitvoeringsperiode 2007-2020.
Voor beide maatregelen is een plan van aanpak opgesteld. Daarnaast is een overkoepelende startnotitie opgesteld waarin e.e.a. kort is samengevat, de samenhang met de bestaande beheerpraktijk is omschreven en benodigde financiële middelen voor de periode 2007-2009 zijn aangegeven.
Het concept VV-voorstel te agenderen voor de VV van 14 maart 2007
Vergaderstuk: 07.03674
Ingediend door: van der Hoeven/WPC
In de VV van 5 juli jl, waarin de Keur is vastgesteld is discussie ontstaan over de toepassing van een aanvullende oppervlaktenorm die zou gelden voor het toetsen van nieuwe vergunningsaanvragen voor peilafwijking. Dit aanvullende criterium is voorgesteld in de beleidsregel Peilafwijkingen.
Een terughoudend beleid voor het toestaan van nieuwe peilafwijkingen is gewenst, maar over het gekozen criterium is nog geen consensus bereikt. Het aanvullend criterium is geparkeerd.
Bij het vaststellen van de beleidsregel is afgesproken om deze te evalueren een jaar nadat deze in werking is gesteld. Maar tot die tijd is gewenst om een keuze te maken over het wel of niet toepassen van het aanvullend criterium bij toetsing van nieuwe aanvragen.
De redactie van het concept VV- besluit te concretiseren en aan de tekst een motivering toe te voegen waarom ontsnippering noodzakelijk is.
Vergaderstuk: 07.01883
Ingediend door: Straathof/WPC
Uit modelberekeningen (waterbezwaar 2e fase) blijkt dat het plaatsen van een gemaal voor wijk Ridderveld (afkoppelen van de polder) niet een geen-spijt maatregel is. In het watergebiedsplan Vierambacht worden verschillende NBW maatregelen bekeken.
vergaderstuk: 07.03683
Ingediend door: van der Hoeven/Straathof/WPC
Het peilbesluit Munniken- Zijlaan- en Meijepolder verliest zijn geldigheid op 20 maart 2007. Het betreft een 345 ha groot met name stedelijke functie. Er zijn knelpunten bekend en afgelopen jaren zijn er klachten geweest over wateroverlast bij hevige neerslag. Door middel van beheersmaatregelen is dit te beperken/voorkomen. Vanuit het peilbeheer is er geen aanleiding om het peilbesluit te herzien.
Het college van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland te verzoeken om peilbesluit Munniken- Zijlaan- en Meijepolder te verlengen.
Vergaderstuk: 07..03559
Ingediend door: Groen/WBZ
De Algemene Vergadering van 29 juni 2005 heeft voorbereidingskredieten beschikbaar gesteld voor de verbeteringswerkzaamheden van de Goejanverwelledijk (€ 30.000,--) alsmede de Spaarndammerdijk (€ 30.000,--). Inmiddels is duidelijk geworden dat deze bedragen niet toereikend zijn voor de voorbereidingswerkzaamheden.
Het voorstel voor te leggen aan de Verenigde Vergadering van 14 maart 2007
Vergaderstuk: 07.03582
Ingediend door: Groen/WBZ
De Wvo-vergunning voor awzi Velsen moet worden vernieuwd door Rijkswaterstaat. De lozingseisen voor de nieuwe vergunning zullen beduidend strenger zijn. Ingrijpende aanpassing van de awzi is hierdoor noodzakelijk. De ingrijpende aanpassing kan niet worden gerealiseerd binnen de huidige terreingrenzen. Aankoop van een strook van 67 meter (ca. 13.000 m2) grenzend aan de west-zijde van het huidige awzi terrein is noodzakelijk.
In te stemmen met het concept VV-voorstel.
Vergaderstuk: 07.03977
Ingediend door: van Velsen/WBZ
1. In te stemmen met het deeladvies van RIGO aangaande de minimum en maximum grondprijs per m2 en de ondergrens vast te stellen op € 54,-- per m2 en de bovengrens op € 390,-- per m2. .
2. De aanbevolen minimum en maximum grondprijs per m2 te vertalen naar een minimum en maximum opstalvergoeding per m2 door middel van een rentepercentage. Hiervoor dezelfde methodiek gebruiken als de rentepercentage berekening van het VV voorstel van 31 januari 2007.
3. De minimum en maximum opstalprijs per m2 om de 5 jaar vast te stellen c.q. aan te passen; dit aan de hand van een nader door ons College te bepalen wijze.
4. Het gewijzigde eigendommenbeleid, zoals in het VV voorstel van 31 januari 2007 beschreven, in te laten gaan op 1 mei 2007.
De Dijkgraaf en hoogheemraad V. Velsen te machtigen de tekst en lay-out van de publicatiefolder in casu definitief vast te stellen en gelijktijdig met de verzending van die folder aan belanghebbenden het VV-besluit op de gebruikelijke wijze te publiceren
Vergaderstuk: 07.03137
Ingediend door: Groen/WBZ
In de ontwerpbeschikking van de Wm-vergunning voor de AWZI Alphen Noord zijn een aantal kostbare en in onze ogen onnodige voorschriften opgenomen. Hierop zullen wij onze zienswijzen indienen.
Kennis te nemen van en in te stemmen met het door de sectordirecteur laten afwikkelen van de Wm-vergunningverlening van AWZI’s en in het bijzonder het indienen van zienswijzen op een aantal voorschriften van de Wm-vergunning voor de AWZI Alphen-Noord
