Aanpassing beleidsregel Integrale inrichtingscriteria
Verkoop perceel grond te Langeraar
Handhavingsbeleid: Kernbepalingen Wvo 2006
Besluit op bezwaar - verzoek handhaving dempen Langeraarse Plassen, perceel 25
Vergaderstuk: 06.30918
Ingediend door: DGF/AZ
Medio 2006 is een eerste onderzoek gedaan naar de uitvoering van de afspraken, die de provincie Noord-Holland en de drie Noord-Hollandse waterschappen hebben gemaakt over de modernisering van hun relatie.
Uit de eerste rapportage komt naar voren dat - hoewel op bepaalde deelaspecten nog nadere invulling moet plaatsvinden - de provincie en de waterschappen de uitdaging om hun samenwerkingsrelatie te moderniseren goed oppakken.
Er worden aanbevelingen gedaan op het gebied van de rol van de “managers water” van de provincie en de waterschappen, de versterking van het accountmanagement en de uitvoering van een vijftal procesafspraken.
in te stemmen met:
Het overnemen van de aanbevelingen.
Vergaderstuk: 06.30638
Ingediend door: van Velsen/AZ
Het voorstel beoogt de bestaande delegatie voor eigendommenbeheer te uniformeren tot €100.000.
De beperking tot dit bedrag geldt thans alleen voor aan- en verkoop van onroerende zaken. In het voorstel geldt die beperking over de volle breedte van het rechtsgebied, waarmee de grens voor verhuringen en verpachtingen omhoog gaat. Tevens behelst het voorstel een vereenvoudiging van de redactie van de bestaande delegatie van eigendommenbeheer.
Tot slot wordt van de gelegenheid gebruikgemaakt om de terminologie (‘Algemene Vergadering’) aan te passen.
Na delegatie door de VV zal in de eerstvolgende collegevergadering mandaat worden gevraagd van D&H aan de algemeen directeur voor alle genoemde zaken van eigendommenbeheer tot €100.000. Gelijktijdig zal de algemeen directeur een aansluitend ondermandaat aan de directeur WBZ worden gevraagd.
Akkoord te gaan met bijgevoegd VV voorstel
Vergaderstuk: 06.28731
Ingediend door: Groen/WPC
Naar aanleiding van het bezwaar van de heer Zoomers tegen de weigering van Rijnland vergunning te verlenen voor een overkapping van een insteekhaven hebben D&H op 29 augustus 2006 besloten, dat het beleid ten aanzien van overkluizingen, zoals opgenomen in de beleidsregel Integrale inrichtingscriteria oppervlaktewateren en kunstwerken, voor overkappingen van insteekhavens moet worden aangepast, zodat dergelijke overkluizingen wel zijn toegestaan.
In te stemmen met het voorstel in de huidige beleidsregel een uitzondering op het beleid op te nemen ten aanzien van overkluizingen voor overkappingen van insteekhavens
Vergaderstuk: 06.29399
Ingediend door: van Velsen
Noot:
Onderstaand voorstel is in uw bijeenkomst van 7 november 2006 behandeld. Daarbij is de vraag gesteld of hier niet sprake is van een illegale demping. Ter zake het volgende.
Het is waarschijnlijk dat er hier sprake is van een (illegale) demping. Dit is echter niet (meer) met objectieve gegevens aan te tonen. Hiernaast is deze demping – zo dit aantoonbaar zou zijn – zeer lang geleden uitgevoerd. Er is dus sprake van gedoging gedurende een (zeer) ruime periode. I.v.m. het e.e.a. wordt in casu handhaving ontraden.
Bovendien wordt benadrukt, hetgeen in het oorspronkelijke voorstel reeds was aangegeven dat hier naar alle waarschijnlijkheid sprake is van verkrijgende verjaring. De heer Egberts
claimt dit echter niet, zodat thans nog sprake kan zijn van een verkoop door Rijnland tegen een marktconforme prijs.
Reden het oorspronkelijke voorstel tot verkoop te handhaven.
Door de heer Egberts te Langeraar is een verzoek ingediend tot aankoop van grond nabij zijn woning aan de Langeraarse Plassen te Langeraar. Hij heeft dit gedeelte reeds (zeer) lang in gebruik zonder dat dit ooit is geregeld. Hier zou sprake kunnen zijn van een terechte claim van de heer Egberts voor verkrijgende verjaring. Dit is echter thans niet aan de orde. De heer Egberts is bereid de grond te kopen tegen de door Rijnland bij brief d.d. 17 juli 2006, kenmerk 06.17678, gestelde voorwaarden. Tegen deze verkoop bestaan geen bezwaren. De grond heeft geen waterstaatkundige betekenis en de verkoop leidt niet tot versnippering.
De Rijnlandse vraagprijs ad € 90,--/m2 is gelijk aan de prijs voor ruwe bouwgrond t.b.v. woningbouw die door de gemeente Rijnsburg wordt betaald. Deze wordt sedert enige tijd door uw College gehanteerd bij verkoop van “snippers” (bouw-)grond
Tot verkoop van een perceel grond aan de heer Egberts.
Vergaderstuk: 06.
Ingediend door: Rosendal/WPC
Voor het bepalen van de bezoekfrequentie van bedrijven en activiteiten in het kader van de regelgeving vanuit de Wet verontreiniging oppervlaktewateren (verder: Wvo) is een prioriteringsmodel ontwikkeld. Het model leidt er toe dat de handhavingsinzet meer wordt gericht op die bedrijven met een (potentiële) grote milieubelasting en een minder goed naleefgedrag. Een kleine milieubelasting en een goed naleefgedrag leiden tot een vermindering van het aantal bezoeken.
In 2007 wordt de bezoekfrequentie aan de bedrijven in het kader van de Wvo van de teams Industrie en Agrarisch gebaseerd op het prioriteringsmodel. Het prioriteringsmodel zal in 2007 verder worden vervolmaakt. Nieuwe ontwikkelingen en inzichten zullen dan worden meegenomen.
Het prioriteringsmodel is toepasbaar op reguliere bedrijven. Een viertal rubrieken, waaronder overstortvergunningen en een drietal uitzonderlijk vergunde situaties zijn apart geprioriteerd. (bijlage 3 van de notitie: "Prioritering Handhaving Wvo"). De reden hiervoor is dat er geen risico bepaald kan worden aan de hand debieten en stoffen.
Akkoord te gaan met de prioritering handhaving Wvo, verdeling van de personele inzet, volgens het “Prioriteringsmodel” voor het jaar 2007.
Vergaderstuk: 06.
Ingediend door: Rosendal/WPC
Kernbepalingen zijn die bepalingen die binnen de regeling of vergunning waarvan zij deel uit maken, de kern vormen van de bescherming van de belangen waarvoor de regeling of vergunning strekt. Vanwege het belang van deze bepalingen is strikte handhaving noodzakelijk. Bij kernbepalingen wordt daarom altijd direct bestuursrechtelijk (bijv. opleggen van een dwangsom) en/of strafrechtelijk opgetreden (opmaken proces verbaal).
De lijst met kernbepalingen uit de Wet verontreiniging oppervlaktewateren (Wvo) is dit jaar aangepast omdat het Openbaar Ministerie (OM) de landelijke lijst met kernbepalingen heeft herzien. Rijnland heeft nu haar eigen kernbepalingen ook aangepast om het landelijke beleid te implementeren. De wijzigingen zijn niet groot. Van een paar bepalingen (overtredingen) is bijvoorbeeld besloten dat zij goed met bestuursrecht kunnen worden opgelost terwijl er ook bepalingen zijn waarbij is gebleken dat strafrecht de enige optie is. De vorige kernbepalingen zijn dus fijngeslepen op basis van de richtlijn van het OM en eigen ervaringen. Voor de handhavers brengt dit geen grote wijzigingen mee. Zij kunnen bij constatering van een overtreding door middel van de kernbepalingen direct bepalen welk optreden gewenst is; bestuursrechtelijk, strafrechtelijk of beide. Op deze manier is er sprake van een consequente manier van handhaven.
tot vaststellen van de Kernbepalingen Wvo 2006.
Vergaderstuk: 06.28826
Ingediend door: Rosendal/WPC
Rijnland heeft de gemeente Hillegom een last onder dwangsom opgelegd omdat men een norm uit de vergunning met 1000% heeft overschreden
De gemeente, vertegenwoordigd door adviesbureau IDDS, heeft hiertegen bezwaar gemaakt.
De bezwaarschriftencommissie heeft de bezwaren ongegrond verklaard en adviseert aan het College van Dijkgraaf en Hoogheemraden om het bestreden besluit in stand te laten.
Vergaderstuk: 06.29091
Ingediend door: Groen/WPC
Door de heer G.J.M. Pieterse, mevrouw Y. Post, de heer W.J.M. Doove en mevrouw C.N.H. Doove-van Tol per brief een handhavingsverzoek ingediend betreffende het storten van afvalstoffen en het dempen van delen van een water ter hoogte van het perceel Langeraarseweg 25 in Langeraar. Rijnland heeft op 19 juli 2006 besloten niet handhavend op te treden omdat geen overtredingen zijn geconstateerd van de keur of de Wet verontreiniging oppervlaktewateren. Tegen dit besluit om niet te handhaven is bezwaar ingediend. De behandeling van het bezwaar heeft op 16 oktober 2006 plaatsgevonden en op 9 november 2006 heeft de bezwaarschriftencommissie het advies uitgebracht. Het advies strekt tot het in stand houden van het besluit niet te handhaven. Voorgesteld wordt om het advies van de commissie te volgen het besluit van 19 juli 2006 in stand te laten.
het besluit van 19 juli 2006 om niet te handhaven in stand te houden
Vergaderstuk: 06.27670
Ingediend door: Rosendal/WPC
Dit protocol is opgesteld door de provincie Zuid-Holland ter verdeling van de handhavingstaken, wanneer er sprake is van meerdere bevoegde gezagen in het kader van het storten van afval, als bedoeld in de Wet milieubeheer. De provincie is wettelijk verplicht om deze afstemming van bevoegdheden te regelen en doet dit nu middels dit protocol. Om te voldoen aan het Besluit kwaliteitseisen milieubeheer moeten handhavingsorganisaties dit protocol bestuurlijk vast stellen.
Het Besluit kwaliteitseisen milieubeheer stelt eisen aan professionele handhaving. Eén van die eisen is dat bevoegde gezagen hun handhaving op elkaar afstemmen bij meerdere bevoegde gezagen. Middels dit protocol wordt aan deze eis voldaan.
tot vaststellen van het protocol ‘taakverdeling terzake van de toepassing van meervoudige handhavingbevoegdheden Zuid - Holland’.
