Besluitenlijst D&H 11 november 2008

Logo van het hoogheemraadschap van Rijnland
 

Sidebar

Besluitenlijst D&H 11 november 2008

Zienswijzen Nota Peilbeheer
Peilbesluit Schinkelpolder
Peilbesluit Haarlemmermeer vak 3
Peilbesluit Polder Middelburg en Tempelpolder
Peilbesluit polder De Noordplas
Watergebiedsplan Vierambacht e.o.;  vrijgave voor inzage
Aanleg natuurvriendelijke oever in de ‘Schoutenvaartsche Molentocht’ in de polder Nieuwkoop
Bijdrage wateropgave Haarlem Waarderpolder
Verzilting waterbehoefte, nu en in de toekomst
Koppeling zuiveringsheffing aan waterverbruik
Uitstel overdracht rioolgemaal Alphen-Sportlaan
Uitoefenen koopotie SBG-installaties 1999
Samenwerking laboratoria
Mediaplan
Belastingsamenwerking tussen zeven gemeenten en Rijnland
Belastingverordeningen 2009
Zelfevaluatie rekenkamercommissie
Bestuurlijke reactie Rekenkamercommissie onderzoeksrapport overname stedelijk water Haarlemmermeer
Aanvulling aanbevelingen onderzoeksrapport Rekenkamercommissie “Oorzaken en gevolgen van kredietonderschrijdingen”
Bemiddelingspoging kwestie De Boer – De Boer;  tegenbod De Boer
Definitief besluit voor de Coupépolder
Voorbereidingskrediet variantenstudie afwatering Drooggemaakte Grote Polder
Voorbereidingskrediet rioolgemaal Boesingheliede
Herhuisvesting kantoor Archimedesweg
Stand van zaken uitvoering Collegebeleidsprogramma 2005-2008
Wijzging Reglement van Orde voor de VV
Gemeenschappelijk regeling laboratoriumwerkzaamheden voor Hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard; vaststellen percentage 2009
Verkoop kantoor vm district Zuid
Parkeervoorzieningen kantoor Arcimedesweg

Zienswijzen Nota Peilbeheer

Vergaderstuk: 08.33414
Ingediend door: Straathof/P&P

Samenvatting:

De ontwerp Nota Peilbeheer heeft van 15 september tot 27 oktober 2008 ter visie gelegen (08.25689, augustus 2008). Tijdens de inspraakperiode is een informatieavond georganiseerd op 7 oktober.  De inspraak heeft negen reacties/zienswijzen opgeleverd.

Tijdens de inspraakperiode hebben zich tevens beleidsontwikkelingen voorgedaan die relevant zijn voor de Nota en worden verwerkt:

  • Vervallen provinciale bevoegdheid voor goedkeuring peilbesluiten met de invoeringswet van de Waterwet;
  • Meest recente ontwikkelingen t.a.v. de Verordening Rijnland (o.a. normering waterkwantiteit).

De zienswijzen hebben op één beleidsuitgangspunt geleid tot een wijzigingsvoorstel. Dit betreft het uitgangspunt 1. “Bij de afweging omtrent het peilbeheer wordt de functie uit de provinciale structuurvisie als richtinggevend genomen. Bij gevarieerd grondgebruik zal terughoudendheid worden betracht bij het volgen van deze differentiatie in het peilbeheer”.

Terecht stelt onder meer LTO Noord dat het bestemmingsplan het juridisch bindende plan is. Voorgesteld wordt de Nota op dit aspect aan te passen. Om versnippering te voorkomen zal worden toegevoegd dat naar de overwegende functie wordt gekeken. Tevens wordt toegevoegd dat ook ontwikkelingen zoals opgenomen in structuurvisies worden meegenomen in de afweging om niet-duurzame investeringen te voorkomen.

Besluit

1. Instemmen met de nota van beantwoording.

2. Aanpassen uitgangspunt 1. van de Nota in “Bij de afweging voor het peilbeheer wordt de functie uit het bestemmingsplan als richtinggevend genomen. Bij gevarieerd grondgebruik zal terughoudendheid worden betracht bij het volgen van deze differentiatie in het peilbeheer. Bij de afweging zal, waar relevant, ook worden geanticipeerd op ontwikkelingen uit de structuurvisies van rijk, provincies en gemeenten om niet-duurzame investeringen te voorkomen.”

Aanbieden Nota van beantwoording en aangepaste Nota peilbeheer aan VV ter vaststelling; agenderen voor de VV-bijeenkomst 17 december 2008

Peilbesluit Schinkelpolder

Vergaderstuk: 08.33062
Ingediend door: Straathof/P&P

Samenvatting

Het peilbesluit voor de Schinkelpolder is geldig tot eind 2008. We moeten dit dus herzien. In WBP3 staat dat we waar mogelijk in een integraal plan (een watergebiedsplan) de hele waterhuishouding aanpakken (berging, peilen en hydraulisch systeem). Gelet op de oorspronkelijke planning van de watergebiedsplannen (en de huidige discussie over deze planvorm) is het nu niet mogelijk de herziening van dit peilbesluit in een watergebiedsplan mee te nemen; ook niet met verlenging. Daarom herzien we dit peilbesluit nu, waarbij we grotendeels de huidige situatie vastleggen.

De peilen zijn nog niet gecorrigeerd voor het nieuwe NAP; na besluitvorming door de VV d.d. 5 november maar voor behandeling van het voorliggende peilbesluit d.d. 17 december doen we dit alsnog.

Besluit

In te stemmen met het ontwerp-peilbesluit met toelichting en dit ter vaststelling aan te bieden aan de Verenigde Vergadering d.d. 17 december 2008.

Peilbesluit Haarlemmermeer vak 3

Vergaderstuk: 08.33063
Ingediend door: Straathof/P&P

Samenvatting

Het peilbesluit voor vak 3 in de Haarlemmermeer is geldig tot eind 2008. We moeten dit dus herzien. In WBP3 staat dat we waar mogelijk in een integraal plan (een watergebiedsplan) de hele waterhuishouding aanpakken (berging, peilen en hydraulisch systeem). Gelet op de oorspronkelijke planning van de watergebiedsplannen (en de huidige discussie over deze planvorm) is het nu niet mogelijk de herziening van dit peilbesluit in een watergebiedsplan mee te nemen; ook niet met verlenging. Daarom herzien we dit peilbesluit nu, waarbij we grotendeels de huidige situatie vastleggen. Het voorstel gaat uit van het opnieuw vaststellen van de vigerende en in praktijk gehanteerde peilen.

De peilen zijn nog niet gecorrigeerd voor het nieuwe NAP; na besluitvorming door de VV d.d. 5 november maar voor behandeling van het voorliggende peilbesluit, d.d. 17 december, doen we dit alsnog.

Besluit

In te stemmen met het VV-voorstel en dit, inclusief het ontwerpbesluit en de toelichting, ter vaststelling aan te bieden aan de Verenigde Vergadering, d.d. 17 december 2008.

Peilbesluit Polder Middelburg en Tempelpolder

Vergaderstuk: 08.33054
Ingediend door: van der Hoeven/P&P

Samenvatting

Het huidige peilbesluit voor de polder Middelburg en Tempel (MT-polder) is verlopen. In de MT-polder spelen echter naast het verouderde peilbesluit nog een aantal belangrijke ontwikkelingen. Op basis van de studie ‘Toekomstig Waterbezwaar fase 2’ blijkt dat er in de polder een grote wateropgave ligt. Het is niet mogelijk om deze wateropgave op te lossen in het voorliggende peilbesluit. Daarnaast loopt er een langdurige discussie over de inrichting van Gouwe Wiericke West, waarvan de MT-polder onderdeel uitmaakt en waarbij eventueel ook de wateropgave en natuurcompensatie meegenomen kunnen worden. Deze discussie ligt momenteel stil en het lijkt er niet op dat hier op korte termijn schot in komt. Het is dan ook niet meegenomen in het voorliggende besluit. Voor 2015 moet het hele beheersgebied van Rijnland echter wel “op orde” zijn, conform de afspraken uit het NBW. Dit geldt dus ook voor het gebied waar de MT-polder ligt. Wanneer en hoe we dit oppakken, is op dit moment nog niet duidelijk.

Variant 2 gaat uit van een geringe peilverlaging, waarmee we de opgetreden maaivelddaling compenseren. Bij de vigerende peilen is de drooglegging te klein en het peilvoorstel gaat uit van de huidige in praktijk gehanteerde peilen en een indexering van 1 cm per 2 jaar. De voorgestelde peilen voldoen en vormen een goede afweging tussen de diverse belangen in de polder. De drooglegging voldoet ook aan de provinciale eisen in veen- en veen-plus gebieden.

Uit de informatieavond op 3 september bleek wel dat er enkele maatregelen nodig zijn om het peil te handhaven: achterstallig onderhoud wegwerken en sturen op een tweede meetpunt achterin de polder  om opstuwing te voorkomen zijn daarvan de voornaamste. Daarnaast ging een deel van de discussie over het sturen op grondwaterstanden. Hoewel dit op voorhand lastig lijkt te zijn, hebben we toegezegd hier naar te kijken.

Bovenstaande vormt een samenvatting van de toelichting bij het peilbesluit en het bijgaande VV-voorstel. Alleen de laatste opmerking over sturen op grondwater is hierin niet opgenomen.

De peilen zijn nog niet gecorrigeerd voor het nieuwe NAP; na besluitvorming door de VV d.d. 5 november maar voor behandeling van het voorliggende peilbesluit d.d. 17 december doen we dit alsnog

Besluit

1. De V.V. voorstel het ontwerpbesluit c.a. van de polder Middelburg en Tempelpolder vast te stellen overeenkomstig bijgevoegd voorstel en concept V.V.-besluit.

2. In te stemmen met het nader onderzoeken van de (on)mogelijkheden van sturen op grondwaterstanden.

Peilbesluit polder De Noordplas

Vergaderstuk: 08.32722
Ingediend door: van der Hoeven/P&P

Samenvatting

Polder De Noordplas is een diepe droogmakerij. Door de lage ligging komt chloride- en nutriëntenrijk kwelwater vanuit de ondergrond. De slechte waterkwaliteit wordt in de polder zelf niet direct als probleem ervaren; in de boezem wel. Ter voorbereiding op het ontwerppeilbesluit is een waterkwaliteitsonderzoek en een maatschappelijke kosten- en batenanalyse (MKBA) uitgevoerd.

Samengevat betekent het peilvoorstel het volgende:

  • de waterkwaliteit wordt verbeterd door vermindering van de kweldruk (kwelflux neemt af met 6%);
  • de chloridebelasting van de boezem neemt af met 11,3% (8.2 ton);
  • de nutriëntenbelasting neemt af (hoeveelheid moeilijk te kwantificeren omdat de stoffen worden beïnvloed door chemische processen);
  • voor alle gebieden met een agrarische functie geldt dat de gemiddelde drooglegging binnen de normen blijft; en
  • een deel van de NBW-opgave wordt opgelost. Door beter de aanwezige berging in de boven-stroomse peilvakken te benutten wordt de NBW-opgave in een benedenstrooms peilvak opgelost.

In het ontwerp Globaal Inrichtingsplan zijn de werken beschreven die noodzakelijk zijn, inclusief bijbehorende kostenramingen. De voornaamste werkzaamheden zijn het opdelen van drie peilvakken in een aantal nieuwe, kleinere peilvakken. Ook moet een viertal nieuwe drijverstuwen worden geplaatst en een aantal bestaande stuwen worden verwijderd of vervangen. Er moet een nieuw poldergemaal worden gebouwd en een bestaand poldergemaal verplaatst worden.

Het ontwerppeilbesluit en het ontwerp Globaal Inrichtingsplan hebben twee keer ter inzage gelegen. De reden voor deze afwijkende procedure is dat na de eerste ter inzage termijn, de meest ingebrachte zienswijze, te weten de vraag of Rijnland het leggen van zogenaamde tussendrains zal bekostigen, moest worden onderzocht. Om op deze belangrijke vraag een antwoord te kunnen geven is advies gevraagd aan de Schadeadviescommissie. Naar aanleiding van het advies is het merendeel van de ingekomen zienswijzen gehonoreerd. Uit zorgvuldigheidsoverwegingen is het ontwerppeilbesluit voor een tweede keer ter inzage gelegd. Tijdens drie informatieavonden is gecommuniceerd over de voorbereiding van het ontwerppeilbesluit en de afwegingen die hieraan ten grondslag liggen.

Besluit

1. In te stemmen met het concept-peilbesluit Polder de Noordplas.

2. Het peilbesluit conform het VV-voorstel ter vaststelling aan te bieden aan de Verenigde Vergadering d.d. 17 december 2008.

Watergebiedsplan Vierambacht e.o.;  vrijgave voor inzage

Vergaderstuk: 08.32188
Ingediend door: Straathof/P&P

Samenvatting

In 2006 is het watergebiedsplan Vierambacht en omstreken opgestart. In augustus 2008 heeft D&H o.b.v. de verkenning van de mogelijke maatregelen keuzes gemaakt voor de te volgen richting om de knelpunten in het plangebied op te lossen.

Het zwaartepunt van de knelpunten èn de te nemen maatregelen ligt in Polder Vierambacht. D&H heeft hier in augustus gekozen voor de bouw van een tweede gemaal in de polder in combinatie met het verruimen van een groot aantal hoofdwatergangen en inliggende kunstwerken. In het concept-ontwerp-peilbesluit wordt voorgesteld de huidige praktijkpeilen vast te leggen. In combinatie met een verlegging van een peilvakgrens betekent dit in de praktijk geen wijziging van het peilregime.

In de Uiteindsche- en Middelpolder en Polder Oudshoorn-Noord zal het verwijderen van één drijverstuw en het verbreden van de gemaaltocht de afvoer naar het gemaal verbeteren. Door het verwijderen van de drijverstuw worden twee peilvakken samengevoegd. Voor de rest van de peilvakken in deze polders betekent het concept-ontwerppeilbesluit een voortzetting van het huidige peilbesluit. In deze twee polders komen lokale NBW-knelpunten voor waarvoor nog maatregelen moeten worden uitgewerkt.

Voor de overige polders (Coupépolder, Polder Oudshoorn-Zuid, Ridderveld en de Bijlen, Zegersloot) zijn de concept-ontwerppeilbesluiten ook gericht op het continueren van de huidige situatie. Enkele onjuistheden in de peilen worden hierin rechtgezet. Voor het stedelijk gebied wordt in overleg met de gemeente nog bepaald of maatregelen nodig zijn n.a.v. de toetsing van het gebied aan de NBW-normen voor wateroverlast.

Het watergebiedsplan Vierambacht en omstreken ligt nu, inclusief concept-ontwerppeilbesluiten en inrichtingsplan, voor aan het college van D&H om het vrij te geven voor inspraak. De concept-ontwerppeilbesluiten zijn nog niet gecorrigeerd naar de ‘nieuwe NAP-waarden’. Deze administratieve correctie wordt nog wel uitgevoerd voordat het watergebiedsplan ter inzage wordt gelegd

Besluit

1. In te stemmen met het concept - watergebiedsplan Vierambacht en omstreken en dit vrij te geven voor inspraak en daarmee:

  • In te stemmen met de ontwerp-peilbesluiten en deze vrij te geven voor inspraak,
  • In te stemmen met het concept-inrichtingsplan en de definitieve versie van het inrichtingsplan op 17 november 2008 vrij te geven voor inspraak.
  • Kennis te nemen van de kosten van ca € 8 miljoen voor de uitvoering van de maatregelen.

2. De ontwerp-peilbesluiten en het inrichtingsplan ter inzage te leggen gedurende 6 weken in de maanden januari en februari 2009.

Aanleg natuurvriendelijke oever in de ‘Schoutenvaartsche Molentocht’ in de polder Nieuwkoop

Vergaderstuk: 08.33244
Ingediend door: Straathof/ADV

Samenvatting

Op basis van het Waterbeheersplan 3 moeten natuurvriendelijke oevers (nvo’s) worden aangelegd. Deze oevers worden op 3 manieren gerealiseerd:

  1. Bij onderhoudswerkzaamheden aan bestaande beschoeiingen worden zoveel mogelijk natuurvriendelijke oevers gerealiseerd.
  2. Subsidieverlening aan derden.
  3. Daar waar zich mogelijkheden voordoen zal Rijnland op eigen initiatief natuurvriendelijke oevers aanleggen.

Het project ‘Schoutenvaartsche Molentocht’ in de polder Nieuwkoop behelst de aanleg van een natuurvriendelijke oever die op initiatief van Rijnland (3e manier) wordt gerealiseerd. Dit project is nu in voorbereiding. De kosten voor de aanleg van 2.600 m1 nvo worden geraamd op ca. € 440.000,--. De uitvoering start begin 2009

Besluit

Het college stemt in met het VV-voorstel tot het beschikbaar stellen van een krediet van € 440.000,-

Bijdrage wateropgave Haarlem Waarderpolder

Vergaderstuk: 08.33408
Ingediend door: Rosendal/P&P

Samenvatting

In bestuurlijk overleg hebben Rijnland en de gemeente Haarlem afgesproken nauw samen te werken en elkaar vroeg bij projecten te betrekken. In het kader van het integraal waterplan is afgesproken voor het industrieterrein Waarderpolder een studie te doen naar de wateropgave als gevolg van toenemende bedrijvigheid. Door in een vroeg stadium mee te liften met de aanleg van een weg kan een centrale watergang worden aangelegd die als ruggengraat voor een nieuw watersysteem kan fungeren.

De gemeente Haarlem heeft aan Rijnland gevraagd een bijdrage van € 2,1 mln. te geven voor de aanleg van een centrale watergang. Omdat met een centraal watersysteem een integrale oplossing voor de wateropgave wordt verkregen die in keurvergunningen voor afzonderlijke  bedrijven niet te realiseren is, is Rijnland bereid mee te betalen voor een samenhangend watersysteem.

Besluit

1. De V.V. voorstellen een krediet van € 2.000.100,-- beschikbaar te stellen als bijdrage aan de gemeente Haarlem in de aanlegkosten van een centrale watergang in industrieterrein Waarderpolder, overeenkomstig het bijgevoegde VV-voorstel met bijbehorend concept-besluit.

2. Instemmen met bijgevoegde concept-brief en deze na instemming van de VV aan de gemeente Haarlem te zenden.

Verzilting waterbehoefte, nu en in de toekomst

Vergaderstuk: 08.33341
Ingediend door: Straathof/BLD

Samenvatting: Er zijn diverse ontwikkelingen die noodzaken een antwoord te formuleren op de vraag of de verzilting­bestrijding bij Rijnland op middellange termijn (na 2025) ongewijzigd voortgezet kan worden:

  • Gestage autonome toename van de interne verzilting door toename van zoute kwel in de droogmakerijen
  • Intensivering van het schutbedrijf bij de schutsluis van Spaarndam
  • Klimaatverandering waardoor een toename van de waterbehoefte en een afname van beschikbaarheid van zoet inlaatwater bij Gouda wordt verwacht;

Beleidsontwikkelingen waaronder het Nationaal Waterplan, de rapportage van de Deltacommissie, Zoet-zout discussie Volkerak Zoommer en herstel estuarine

  • dynamiek (o.a. Haringvliet Getemd Getij).

Ter onderbouwing hiervan zijn een aantal maatregel scenario’s doorgerekend met de nieuwe KNMI scenario’s als uitgangspunt. Met de scenario’s ‘Accepteren’ en’ Vertragen’, die in essentie op lokale maatregelen zijn gebaseerd, kan de toenemende schade worden beperkt, maar niet tot op het huidige niveau worden gehandhaafd. Met het ‘Aanvoeren’ scenario is bestrijding van schade tot op het huidige niveau eventueel te realiseren mits het daarvoor benodigde water beschikbaar is en kan worden aangevoerd. Vast staat dat in de toekomst de beschikbaarheid van zoet water (ook landelijk) afneemt en dat iedereen zuinig met het beschikbare water om zal moeten gaan. De beschikbaarheid en verdeling van zoet water moet worden beschouwd vanuit de regionale (o.a. buurwaterschappen) en nationale context.

De noodzakelijke aanpassingen in het watersysteem kunnen alleen in samenwerking met partners (sectoraal en overheid) worden gerealiseerd. De uitwerking wordt in de water(beheer)plannen van Rijnland en andere overheden al aangekondigd in de plan periode tot 2015. Van belang hierbij is de vraag tot hoever de rollen en taken van het waterschap (en de andere overheden) gaan inzake de verziltingbestrijding. Een discussie over doelen, normen, functies en duurzaamheid is onontkoombaar. De maatschappelijke kosten en baten van maatregelen zullen vervolgens bij de afweging voor het beleid en de aanpak sturend zijn  (lokaal – regionaal).

De aanzet hiervoor en de onderliggende analyse zijn gedetailleerder beschreven in bijlage 1. Voorgesteld wordt deze vast te stellen en aan de VV te presenteren en 2009 te benutten om de noodzakelijke samenwerking met partners gestalte te geven, zodat in de komende planperiode het nieuwe beleid verder uitgewerkt kan worden

Besluit

1. Rapport vaststellen

2. Rapportage begin 2009 aan de VV presenteren, middels een actieve workshop of symposium

3. Communicatie, beïnvloeding en samenwerking met partners (sectoraal en overheden) opstarten waarbij de rapportage als basis wordt gebruikt.

Koppeling zuiveringsheffing aan waterverbruik

Vergaderstuk: 08.33245
Ingediend door: van Velsen/ADV

Samenvatting: Om beter inzicht te krijgen in de gevolgen van een koppeling van de zuiveringsheffing aan het drinkwaterverbruik is besloten tot een onderzoek. Dat onderzoek is uitgevoerd door Arcadis in samenwerking met de betrokken stakeholders. De hoofdconclusies zijn:

  • er is sprake van een rechtvaardiger stelsel van belastingheffing
  • een duurzamer consumptie van drinkwater zal zich nauwelijks voordoen.

De VV wordt voorgesteld een keuze te maken in het verdere besluitvormingsproces over dit verstrekkende en principiële onderwerp.

Besluit

1. Kennis nemen van de resultaten uit het onderzoeksrapport Arcadis.

2. De VV voorstellen  te besluiten niet over te gaan naar een koppeling aan het drinkwatergebruik  maar de bestaande methodiek te handhaven.

Hierbij wordt aangetekend dat in Unieverband dient te worden ingespeeld op de landelijke ontwikkelingen op dit beleidsterrein en dat de VV wanneer daartoe aanleiding bestaat te gelegener tijd een nader voorstel ter zake zal worden gedaan.

Uitstel overdracht rioolgemaal Alphen-Sportlaan

Vergaderstuk: 08.33232
Ingediend door: Groen/ADV

Samenvatting

De gemeente Alphen aan den Rijn bouwt in haar opdracht en voor haar rekening een nieuw rioolgemaal aan de Sportlaan ter vervanging van het rioolgemaal aan de Wielewaalstraat, dat moet wijken voor de uitvoering van het Masterplan Lage Zijde. Rijnland heeft zich verplicht (VV 04-06-2008) een (vaste) investeringsbijdrage te leveren ad € 265.0000,-- (incl. BTW). Na gereedkomen zou het gemaal in beheer en eigendom “om niet” aan Rijnland worden overgedragen.  Het is de gemeente gebleken dat bij deze overdrachtswijze de gemeente de BTW over de bouwkosten niet kan verrekenen bij het BTW-Compensatiefonds. Na advies bij Deloitte Belastingadviseurs te hebben ingewonnen, stelt de gemeente nu aan Rijnland voor om de eigendomsoverdracht 10 jaar uit te stellen.

Na 10 jaar vindt geen herrekening van BTW-voordruk meer plaats. De gemeente blijft dan nog 10 jaar eigenaar, maar draagt het beheer over het rioolgemaal aan Rijnland op.

Besluit

In te stemmen met een vertraagde eigendomsoverdracht door gemeente Alphen  van het rioolgemaal Sportlaan

Uitoefenen koopotie SBG-installaties 1999

Vergaderstuk: 08.31155
Ingediend door: van Velsen/ADM

Samenvatting

In 1999 is de economische eigendom van een aantal Rijnlandse installaties overgedragen aan de Stichting Beheer van het Gemeeneland. Wegens verloop van de 10-jaars termijn heeft u besloten gebruik te maken van de terugkoopoptie per 1 januari 2009. De daartoe strekkende overeenkomsten worden u thans ter goedkeuring aangeboden.

Het behaalde BTW-voordeel voor de betreffende objecten kan worden becijferd op ca. € 5.280.000,-

Besluit

Besluit tot terugkoop van de in 1999 aan de SBG overgedragen installaties conform de bijgevoegde overeenkomsten.

Samenwerking laboratoria

Vergaderstuk: 08.33355
Ingediend door: DGF/LAB

Samenvatting

Door de dagelijks besturen van de waterschappen Aa en Maas, Brabantse Delta, Delfland, De Dommel, Hollandse Delta, Rijnland en Schieland en de Krimpenerwaard is de intentie uitgesproken een verdere samenwerking van laboratoria te onderzoeken. Deze samenwerking past binnen de strategische lijn die de VV in 2005 bij behandeling van de Voorjaarsnota heeft afgesproken.

Begin juni 2008 is opdracht gegeven aan Berenschot een businesscase uit te werken voor een gezamenlijke laboratoriumorganisatie van de zeven waterschappen. De hieruit volgende rapportage is op 30 sept 2008 is geaccordeerd door de stuurgroep van secretaris-directeuren.

In het beslisdocument worden de hoofdlijnen van de rapportage samengevat. Hierin wordt voorgesteld om per uiterlijk 1 januari 2011 over te gaan naar één laboratoriumorganisatie voor zeven waterschappen met 4 productielocaties. De nieuwe organisatie krijgt de opdracht om per uiterlijk 1 jan 2013 te centraliseren naar 1 locatie. Dit voorstel levert in financiële zin een besparing van 7% in de startsituatie (16% in eindsituatie). Daarnaast biedt de fusie substantiële kwaliteitsvoordelen (robuustheid, inbesteding, training, schaalvergroting).

De voorstellen zijn gebaseerd op deelname van alle zeven waterschappen; wanneer er deelnemers afvallen, behoeft het voorstel op onderdelen bijstelling

Besluit

In te stemmen met het voorstel om per uiterlijk 1 januari 2011 over te gaan tot één laboratoriumorganisatie voor 7 waterschappen, één en ander zoals aangegeven in bijgaand VV-voorstel en concept VV-besluit.

Mediaplan

Vergaderstuk: 08.33261
Ingediend door: DGF/ADV

Samenvatting

Het mediaplan moet de omgang met de media en de manier waarop Rijnland in de media naar voren komt naar een hoger plan tillen. Het plan geeft aan welke uitgangspunten Rijnland daarvoor hanteert en aan welke voorwaarden de organisatie moet voldoen om het mediabeleid succesvol te maken. De doelstellingen van dit mediaplan zijn:

  • Een pro-actieve houding ten aanzien van onderwerpen die wat Rijnland betreft aandacht verdienen in de media;
  • Een beter relatie met de media;
  • Betere zichtbaarheid voor en in de media;
  • De omgeving ziet Rijnland als waterautoriteit;
  • Vergroten van de interne bewustwording
  • Organiseren en verankeren van de processen rond perscommunicatie.

Het plan richt zich vooral op de media. Daarnaast zijn er interne doelgroepen (het college, DT, afdelingshoofden en medewerkers) en partners in het maatschappelijk middenveld (mede-overheden, belangenorganisaties en bedrijfsleven).

De verantwoordelijkheden in het plan zijn als volgt belegd: de dijkgraaf is als portefeuillehouder Communicatie eindverantwoordelijk; de AD is ambtelijk verantwoordelijk voor de voorwaarden en de woordvoerder is het aanspreekpunt voor de pers, ondersteunt bestuur en management en adviseert over de omgang met de media.

De werkwijze voor het mediaplan behelst een duidelijke communicatiekalender, media als vast agendapunt van D&H- en DT-vergaderingen en een vast evaluatiemoment voor de wijze waarop Rijnland in het nieuws is geweest cq. kan komen.

Verder voorziet dit plan in een aantal voorzieningen en afspraken.

Besluit

Het college stelt het mediaplan vast

Belastingsamenwerking tussen zeven gemeenten en Rijnland

Vergaderstuk: 08.33260
Ingediend door: van Velsen/BEL

Samenvatting

Op 30 september 2008 heeft het college van D&H ingestemd met deelname aan het samenwerkingsverband op het gebied van Belastingheffing. Inmiddels hebben ook de colleges van de elf gemeenten in het verzorgingsgebied van Rijnland zich uitgesproken over deelname. Uiteindelijk zijn er zeven gemeenten die zich akkoord hebben verklaard met het voorstel: Leiden, Zoeterwoude, Gouda, Leiderdorp, Wassenaar, Oegstgeest en Voorschoten. Zoeterwoude was eerder vertegenwoordigd via de gemeente Leiden, maar heeft besloten om als aparte gemeente toe te treden. Het is de bedoeling dat in de maanden  november en december de algemene besturen van de deelnemers de beslissing over eventuele deelname nemen. Redenen om te komen tot samenwerking zijn: maatschappelijk belang, robuustheid van de organisatie en financiële voordelen.

Besluit

De V.V. voorstellen in te stemmen met het voorstel over deelname van Rijnland aan het samenwerkingsverband Belastingen met zeven gemeenten overeenkomstig het voorgelegde VV-voorstel en concept V.V.-besluit

Belastingverordeningen 2009

Vergaderstuk: 08.33235
Ingediend door: van Velsen/BEL

Samenvatting

De Wet modernisering waterschapsbestel (Wmw) brengt ingrijpende wijzigingen in het heffingenstelsel van de Waterschapswet en de Wet verontreiniging oppervlaktewateren per 1 januari 2009. In dat kader is het noodzakelijk een drietal belastingverordeningen vast te stellen voor de watersysteemheffing, zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing.

Besluit

De Verenigde Vergadering voorstellen om de Verordeningen watersysteemheffing, zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing vast te stellen, overeenkomstig V.V.voorstel.

Zelfevaluatie rekenkamercommissie

Vergaderstuk: 08.33259
Ingediend door: DGF/RKC 

Samenvatting

De rekenkamercommissie van Rijnland heeft een zelfevaluatie uitgevoerd die resulteert in enkele voor te stellen wijzigingen en een herbenoeming van de externe leden per 1 januari 2009.

Besluit

De V.V. voorstellen in te stemmen met de voorgelegde RKC-aanbevelingen, overeenkomstig bijgevoegd V.V.-voorstel en concept V.V.-besluit

Bestuurlijke reactie Rekenkamercommissie onderzoeksrapport overname stedelijk water Haarlemmermeer

Vergaderstuk: 08.33007
Ingediend door: DGF/CoCo

Samenvatting

Bijgaand ter behandeling het onderzoeksrapport van de Rekenkamercommissie van Rijnland over "Doelmatigheid overname stedelijk water  Haarlemmermeer." Het verzoek is om binnen vier weken een bestuurlijke reactie op het rapport te geven, waardoor een tijdige behandeling door de huidige Verenigde Vergadering (17 december) kan plaatsvinden.

Na vaststelling van de bestuurlijke reactie zal de Rekenkamercommissie in een separaat hoofdstuk de reactie opnemen, aangevuld met een nawoord van de RKC.

Nadere informatie over de vervolgprocedure zoals verdere behandeling, persbericht e.d. is in het  onderzoeksprotocol van de Rekenkamercommissie van Rijnland vastgelegd.

Besluit

1. Vaststellen van voorgelegde ontwerp-reactie van het college van dijkgraaf en hoogheemraden betreffende het onderzoeksrapport "Doelmatigheid overname stedelijk water  Haarlemmermeer".

2. De VV voorstellen kennis te nemen van het onder 1. genoemde onderzoeksrapport , de daarin gedane aanbevelingen en van de reactie daarop, overeenkomstig voorstel en concept V.V.-besluit.  De commissie Bestuur en Concernzaken over dit voorstel horen.

Aanvulling aanbevelingen onderzoeksrapport Rekenkamercommissie “Oorzaken en gevolgen van kredietonderschrijdingen”

Vergaderstuk: 08.32601
Ingediend door: DGF/CoCo

Samenvatting

In de  VV-vergadering van 16 juli 2008 is het eerste onderzoeksrapport van de RKC “ oorzaken en gevolgen van kredietonderschrijdingen” besproken. Afgesproken is dat het college voor twee aanbevelingen (nr. 3 en nr. 4) met een aanvullend voorstel komt met als uiteindelijke doel het vermijden van kredietonderschrijdingen.  

Aanbeveling 3: Consequente splitsing voorbereidings- en uitvoeringskredieten

Het is uit financieel en juridisch oogpunt niet wenselijk om pas een uitvoeringskrediet aan te vragen als de aanbesteding heeft plaatsgevonden. Bovendien wordt er onnodig tijdverlies geleden. Zo leidt het effectueren van de gevraagde splitsing in de krediettoewijzing tot verlenging van de doorlooptijd van een investeringsproject.  Overigens is bij investeringsprojecten van geringe omvang niet altijd een voorbereidingskrediet nodig. Bij de huidige werkwijze kan een deel van het aanbesteding traject samenvallen met andere processen in het ontwerp en gaan adviesbureaus onverkort door met de uitwerking van de plannen.

Een extra vertraging kan hierdoor ontstaan doordat het gunningstraject wordt beïnvloed door bestuurlijke besluitvorming. Bij ongunstige samenloop van aanbestedingsmoment- beoordeling van aanbestedingsresultaat en de datum van de VV vergadering (kredietverlening) kan er aanleiding zijn tot het verlengen van de zogenoemde gestanddoeningstermijn. Bouwend Nederland (Vereniging van bouw- en infrabedrijven) dringt er op aan de  gestanddoeningstermijn zoveel te beperken.

Aanbeveling 4: Mogelijkheid krediet annuleren

Ondanks dat de aanbeveling alleen van toepassing is op de investeringsprojecten waarvoor een krediet is verleend (A-kredieten) en gezien moet worden als symptoombestrijding, en niet als een structurele en transparante bron van aanpak wordt voorgesteld om de aanbeveling van de RKC toch over te nemen. De kredieten van de investeringsprojecten, waarin Rijnland participeert door middel van een bijdrage zijn niet van toepassing  op de aanbeveling, omdat Rijnland niet zelf de regie in handen heeft en dus sterk afhankelijk is van derden. Wel heeft de organisatie inmiddels een (om)slag gemaakt als het gaat om realistisch plannen. Dit blijkt ondermeer  uit het feit dat de investeringsprognose de gestelde 80% norm dit jaar ruim gaat overschrijden tot een realisatie van in totaliteit rond 87%.

Besluit

In te stemmen met het bijgevoegde VV-voorstel om aanbeveling 3 niet en aanbeveling 4 (met uitzondering van de kredieten van de investeringsprojecten, waarin Rijnland participeert door middel van een bijdrage) wel over te nemen

Bemiddelingspoging kwestie De Boer – De Boer;  tegenbod De Boer

Vergaderstuk: 08.33418
Ingediend door: DGF/ADV

Samenvatting

In de vergadering van 22 juli 2008 heeft het college besloten het aanbod gestand te doen, zoals verwoordt door de bemiddelaar in de bijeenkomst van 8 juli 2008. Dit is meegedeeld aan de bemiddelaar. Van de zijde van de heer De Boer is een tegenbod gekomen. Geadviseerd wordt dit tegenbod niet te accepteren en vast te houden aan het eerder genoemde aanbod.

Besluit

Besloten wordt het tegenbod van de heer De Boer af te wijzen en vast te houden aan het eerder gedane aanbod, zoals bevestigd in de brief van 14 augustus 2008, kenmerk 08.24137. De heer De Boer dient hiervan via de bemiddelaar, de heer Van Ravels, in kennis te worden gesteld waarbij de heer De Boer  één maand na datum van verzending van de betreffende brief de gelegenheid wordt geboden het aanbod te accepteren.

Definitief besluit voor de Coupépolder

Vergaderstuk: 08.33498
Ingediend door: Rosendal/P&V

Samenvatting

Op 18 juni 2002 is een Wvo-vergunning aangevraagd voor de lozing op de riolering van percolaat uit de voormalige vuilstort de Coupépolder te Alphen aan den Rijn. Rijnland heeft drie maal een besluit genomen op basis van deze vergunningaanvraag (15 april 2003, 9 augustus 2005 en 26 maart 2007). Al deze besluiten zijn door de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State vernietigd. Na de laatste uitspraak van 5 maart 2008, moet Rijnland voor de vierde maal een besluit nemen op de vergunningaanvraag.

Bij het opstellen van het vierde besluit is gekozen voor een totale herbeoordeling van de vergunningaanvraag. Hierbij zijn de vergunningaanvraag en voorgaande procedures inclusief uitspraken nogmaals doorlopen en opnieuw getoetst. Belangrijkste onderdeel van deze toetsing was de beoordeling van technieken waarmee de lozing kan worden voorkomen/beperkt. Bij deze toetsing zijn verschillende technieken met elkaar vergeleken, waarbij is beoordeeld of deze technieken in aanmerking komen. Hierbij is de conclusie getrokken dat geen van de technieken kosteneffectief is. Naar aanleiding van deze herbeoordeling is het ontwerpbesluit op 8 juli 2008 door het college van dijkgraaf en hoogheemraden besproken. Het college heeft conform het voorstel besloten.

Na het besluit van het college, is het ontwerpbesluit conform de Algemene wet bestuursrecht bekend gemaakt. Naar aanleiding van het ontwerpbesluit zijn van twee partijen bedenkingen ontvangen. Deze bedenkingen zijn bij het opstellen van het definitieve besluit betrokken. Hierbij is geen aanleiding gevonden om het definitieve besluit te wijzigen ten opzichte van het ontwerpbesluit. Het ambtelijk advies is daarom om het definitieve besluit te nemen gelijk aan het ontwerpbesluit. Wanneer wordt ingestemd met dit definitieve besluit, zal deze conform de Algemene wet bestuursrecht bekend worden gemaakt. De partijen die bedenkingen hebben ingediend kunnen tegen dit definitieve besluit beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State instellen. Gezien de historie van dit dossier valt te verwachten dat daadwerkelijk beroep zal worden ingesteld.

Besluit

1. De vergunning te verlenen zoals deze is aangevraagd en in te stemmen met het als bijlage opgenomen definitieve besluit.

2 Het definitieve besluit bekend te maken.

Voorbereidingskrediet variantenstudie afwatering Drooggemaakte Grote Polder

Vergaderstuk: 08.29190
Ingediend door: van der Hoeven/P&P

Samenvatting

De poldergemalen Driemanspolder en De Leyens  moeten worden aangepast. Door de aanleg van een piekberging in de Nieuwe Driemanspolder komt de stuw richting de stad Zoetermeer te vervallen. In de plannen is voorzien in een sifon onder de nieuw aan te leggen aanvoerwatergang. De afwatering van de Drooggemaakte Grote Polder kan ook via de Driemanspolder zodat er nieuwe mogelijkheden ontstaan voor het gemaal De Leyens. De afwatering via de Driemanspolder heeft wel consequenties voor het gemaal Driemanspolder.

De bovengenoemde ontwikkelingen geven Rijnland de mogelijkheid om een weloverwogen beslissing te nemen voor de toekomst. De mogelijkheden en consequenties moeten middels een variantenstudie in beeld worden gebracht.

Besluit

In te stemmen met het concept VV-voorstel en het concept VV-besluit tot het beschikbaarstellen van een voorbereidingskrediet van € 100.000,--.

Voorbereidingskrediet rioolgemaal Boesingheliede

Vergaderstuk: 08.28560
Ingediend door: Groen/P&P

Samenvatting

Tot op heden is het gemengde rioolstelsel van de kern Boesingheliede in de gemeente Haarlemmermeer niet op een Awzi aangesloten en wordt al het afvalwater van deze kern via twee overstorten rechtstreeks op het oppervlaktewater geloosd. Vanaf 2003 is de gemeente in overleg met Rijnland met als doel een aansluiting op de Awzi van Zwanenburg te realiseren.  Het bedrijventerrein “de Liede” in Haarlmeermeer wordt door een projectontwikkelaar uitgebreid. Hierdoor wordt deze locatie voorzien van een rioolstelsel. De hoeveelheid afvalwater in combinatie met die van de kern Boesingheliede is voor Rijnland interessant genoeg om één eind rioolgemaal aan te leggen en te beheren.

Door de uitbreiding van het bedrijventerrein “De Liede” is de in bedrijfsname van het rioolgemaal medio 2010 noodzakelijk.

Voor de verdere uitwerking dient een krediet beschikbaar te worden gesteld van € 150.000,-, bestaande uit € 100.000,- (incl. b.t.w.) voorbereidingskrediet en € 50.000,- voor de verwerving van grond. Het project is als C-investering meegenomen in de begroting en meerjarenraming 2009 – 2012. Het totaalbedrag komt volledig ten laste van de kostendrager Zuiveringsbeheer. Op basis van het definitieve ontwerp zal in 2009 een uitvoeringskrediet worden aangevraagd.

Besluit

In te stemmen met het concept VV-voorstel en het concept VV-besluit tot het beschikbaar stellen van een voorbereidingskrediet van in totaal  € 150.000,--.

Herhuisvesting kantoor Archimedesweg

Vergaderstuk: 08.33690
Ingediend door: DGF/ADV

Samenvatting

In de collegevergadering van 28 oktober 2008 is afgesproken het VV-voorstel van de herinrichting te baseren op drie ontwerpvarianten: de minimale, functionele en optimale variant. In bijgevoegd ontwerp VV-voorstel (bijlage) is toegewerkt naar de optimale variant. Deze variant ondersteunt het beste de doelstellingen van de organisatie. De argumentatie daarvan is terug te vinden in het voorstel onder “voorgestelde oplossing”.

Besluit

In te stemmen met  onder onderdelen aan te passen/aan te vullen ontwerp VV-voorstel en dit ter besluitvorming voor te leggen aan de Verenigde Vergadering.

Stand van zaken uitvoering Collegebeleidsprogramma 2005-2008

Vergaderstuk: 08.33726
Ingediend door: DGF/BO

Samenvatting

In de VV-bijeenkomst van 12 maart 2008 is de 2e evaluatie van het collegebeleidsprogramma 2005-2008 ter kennis van de VV gebracht. Op een aantal punten van het collegebeleidsprogramma moest (nadere) actie worden ondernomen.

Besluit

Instemmen met de concept VV-mededeling waarin aan de VV een overzicht wordt gegeven van de acties die zijn genomen naar aanleiding van de eerder voorgelegde 2e evaluatie van het collegebeleidsprogramma 2005-2008.

Wijzging Reglement van Orde voor de VV

Vergaderstuk: 08.33702
Ingediend door: DGF/ADV

Samenvatting

De nieuwe bestuurssamenstelling, zoals die na de verkiezingen gestalte zal krijgen, betekent dat het Reglement van Orde voor de Verenigde Vergadering en de Commissies, zoals dat begin 2005 is vastgesteld, op een aantal punten zal moeten worden gewijzigd. De wijzigingen betreffen met name de wijze van samenstelling van de vaste commissies en het schrappen van de bepalingen over de gebiedscommissies en de verkiezing van hoogheemraden.

Besluit

De VV voorstellen over te gaan tot wijziging van het Reglement van Orde voor de Verenigde Vergadering zoals voorgelegd, onder toevoeging van een bepaling over het kunnen aanhouden van ingediende moties.

In het voorstel duidelijk kenbaar aangeven dat de voorgestelde wijziging van het Reglement van Orde verband houdt met verandering van wet- en regelgeving en dat de Verenigde Vergadering in de nieuwe bestuursperiode de door haar gewenste werkwijze in een opnieuw te wijzigen  Reglement van Orde kan bepalen.

Gelet op het uit  de wijziging van het reglement voortvloeiende gevolg, te weten het vervallen van de gebiedscommissies, het daarop aangepaste vergaderschema 2009 ter kennisneming bij het voorstel voegen.

Gemeenschappelijk regeling laboratoriumwerkzaamheden voor Hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard; vaststellen percentage 2009

Vergaderstuk: 08.33565
Ingediend door: DGF/ADV

Samenvatting 

Ieder jaar dient in het kader van de gemeenschappelijke regeling samenwerking laboratoriumonderzoek voor het hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard het percentage te worden vastgesteld voor welke kosten het hoogheemraadschap zal bijdragen. In de bijgevoegde brief wordt dit uiteengezet.

Besluit

In te stemmen met het vastgestelde percentage van 14 en dit middels de brief mede te delen aan het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard

Verkoop kantoor vm district Zuid

Vergaderstuk:
Ingediend door: van Velsen/BO

Samenvatting

De verkoop van het kantoorpand van het vm district Zuid in Waddinxveen, waartoe de Verenigde Vergadering op 12 maart 2008 heeft besloten, is niet doorgegaan.

Inmiddels heeft een nieuwe gegadigde belangstelling voor het kantoorpand getoond en een bod uitgebracht. Hoewel het bod lager ligt dan waarvoor met de eerdere gegadigde overeenstemming was bereikt, dient dit bod serieus in overweging te worden genomen.

Besluit

De Verenigde Vergadering op 17 december 2008 voorstellen over te gaan tot verkoop van het kantoorpand van het voormalig district Zuid te Waddinxveen.

Parkeervoorzieningen kantoor Arcimedesweg

Vergaderstuk: 08.33701
Ingediend door: DGF/SER 

Samenvatting

Rijnland heeft een toenemend parkeerprobleem bij het kantoor aan de Archimedesweg. Er is te weinig plek voor alle mensen die nu mogen parkeren. Gevolg is dat bezoekers steeds vaker geen plek vinden, er dubbel wordt geparkeerd en daardoor andere auto’s worden geblokkeerd. Dit is niet representatief, niet klantvriendelijk en leidt tot toenemende irritatie. Het huidig parkeerbeleid dateert uit 2005. Uitgangspunten hierin zijn: iedereen mag parkeren, parkeren is geen recht (wie het eerst komt, wie het eerst maalt), geen restricties, geen gereserveerde plekken.

Aangezien dit niet houdbaar blijkt, zijn, ter oplossing van de huidige parkeerdruk, inmiddels de volgende (korte termijn)maatregelen genomen en gecommuniceerd:

  1. extra terrein (tijdelijk) beschikbaar gesteld door Centocor.
  2. externe inhuurkrachten/contracters mogen niet meer parkeren op het parkeerterrein bij het hoofdkantoor (wel op terrein Centocor). Hun pasjes worden voor gebruik bij de slagboom geblokkeerd.
  3. voor bestuursvergaderingen (D&H, VV en cie’s) worden plekken gereserveerd.
  4. voor bezoekers worden plekken gereserveerd en vrijgehouden (deze plekken mogen niet worden gebruikt door Rijnlandse medewerkers).
  5. streng handhaven van foutparkeerders (2x waarschuwen = wegslepen). Hiervoor zullen ook alle kentekens worden geregistreerd.

Met deze maatregelen verwachten we dat de huidige parkeerdruk direct flink zal afnemen.

Als vervolg hierop zullen de volgende aanvullende maatregelen worden onderzocht en uitgewerkt:

1. Stimuleren andere mobiliteit (onder gelijktijdige uitsluiting van parkeermogelijkheid)

  • parkeermogelijkheid op terrein awzi Leiden-ZW en pendelbusje naar kantoor.
  • Extra OV-voorzieningen boven op normale vergoeding woon-werk (bijv. gratis kortingskaart of 1e klas reizen).
  • Gratis fiets huren of overdekt stallen bij station
  • Uitbreiding fietsregeling voor partners van Rijnlandse medewerkers.

2. Bepalen wie wel/niet op terrein mogen parkeren

  • Wel: bezoekers. Dienstauto’s, leveranciers, bestuurders, medewerkers met mobiele functies (waaronder directie)
  • Niet: alle medewerkers zonder mobiele functies

3. Stimuleren en faciliteren dat medewerkers op andere plekken kunnen werken dan op kantoor Archimedesweg (uitwerking vindt plaats in breder kader dan alleen parkeerproblematiek)

4. Creëren extra parkeergelegenheid

  • Extra parkeerlaag op huidige parkeerterrein
  • Parkeerplaatsen elders huren en/of kopen

Bovenstaande maatregelen vragen nog wat uitzoektijd i.v.m. cao, fiscale wetgeving, marktverkenning, ervaringen bij andere waterschappen/overheden.

Besluit

1. Het college neemt kennis en ondersteunt de (korte termijn)maatregelen die reeds zijn genomen ter oplossing van de huidige parkeerdruk.

2. Het college neemt kennis van en ondersteunt dat er direct aanvullende maatregelen worden onderzocht en uitgewerkt om het parkeerprobleem structureel op te lossen. Dit zal vanuit 4 verschillende invalshoeken gebeuren, namelijk: stimulering andere mobiliteit, bepalen wie wel/niet op terrein mogen parkeren, stimuleren en faciliteren elders werken, creëren extra parkeerruimte.

3. Het college stemt in om met de gemeente Leiden overleg te voeren over de bestemming van het huidige parkeerterrein.

 
Naar boven