Besluitenlijst D&H 4 maart 2008

Logo van het hoogheemraadschap van Rijnland
 

Sidebar

Besluitenlijst D&H 4 maart 2008

Waterplan Haarlemmermeer
Vrijgave inspraak Waterplan Aalsmeer
Meergrond
Liquiditeisprognose januari t/m december 2008 en 2009 t/m 2012
Wijze van effectueren ontvangstplicht verspreidbare baggerspecie
Overdracht van de afvalwaterzuiveringsinstallatie Leiden-Noord aan de Stichting Beheer van het Gemeene Land
Pilot Zandvoort – aanpassing Waterkeringsbeheerplan, katern Bouwbeleid (Nota van beantwoording)
Aanvraag verlenging geldigheid peilbesluiten
Commitment uitvoeringsagenda Hollandse Waterstad Gouda
Wob-verzoek Stichting “Wij vertrouwen stemcomputers niet”.

Waterplan Haarlemmermeer  

Vergaderstuk: 08.02888
Ingediend door: Rosendal/P&P

Toelichting:

Het waterplan voor de gemeente Haarlemmermeer is vrijwel gereed. U treft hierbij aan het ontwerp waterplan. Het college wordt verzocht om akkoord te verlenen aan het bijgevoegde VV-voorstel ter vaststelling van het waterplan en kennis te nemen van het waterplan en de genoemde bijlagen.

De VV ontvangt het definitieve waterplan, waarin de wijzigingen zijn verwerkt

Besluit:  

1. Kennis te nemen van het ontwerp-Waterplan Haarlemmermeer

2. In te stemmen met het VV-voorstel ter vaststelling van het Waterplan Haarlemmermeer

Vrijgave inspraak Waterplan Aalsmeer

Vergaderstuk: 08.02988
Ingediend door: Rosendal/P&P

Toelichting:

Conform het Waterbeheersplan3 worden gemeentelijke waterplannen opgesteld. Waterplannen vormen een middel om o.a. de NBW- en KRW-doelstellingen te realiseren. Samen met de gemeente Aalsmeer is een voorontwerp waterplan opgesteld en gereed voor de inspraakperiode van eind maart tot en met half april 2008. Het definitieve waterplan wordt na de inspraak, ter vaststelling aangeboden aan de VV van 4 juni 2008. Doel van dit waterplan is om integraal het grond- en oppervlaktewater-beheer in de gemeente Aalsmeer te verbeteren en de KRWopgave te realiseren.

Het waterplan Aalsmeer is het eerste plan van Rijnland waarin de realisatie van de 2 Aalsmeerse KRW-waterlichamen tot uitvoering komt. Er is geen NBW-opgave. De huidige knelpunten in Aalsmeer en de klimaatverwachtingen vragen om een integraal waterplan. Het waterplan bevat daarom een samenhangend, zeer uitgebreid en uitvoerbaar maatregelpakket conform de ambities uit het WBP3 en de KRW. 

Rijnland is binnen het waterplan Aalsmeer verantwoordelijk voor diverse maatregelen, waaronder:

  • doelrealisatie van de twee KRW-waterlichamen: Westeinderplassen en Boezemlanden Aalsmeer (waaronder mederealisatie vooroeververdediging Boezemlanden Aalsmeer);
  • beheersing van de blauwalgoverlast Kleine Poel/Westeinder);
  • structuurverbetering ecologische waterkwaliteit (aanleg natuurvriendelijke oevers);
  • structurele verbetering detailwatersysteem (duikervervangingen en terug naar leggermaten);
  • structurele aanpak achterstand beheer en onderhoud;
  • realisatie overname onderhoud stedelijk water (pilot Aalsmeer) en uitbreiding A.w.z.i. Aalsmeer en ondertekening afvalwateraccoord met gemeente.

Het ontwerp-waterplan Aalsmeer voldoet en geeft uitvoering aan diverse WBP onderwerpen.

In het waterplan Aalsmeer ligt hiermee het accent op voortvarende uitvoering maar met aandacht voor aanvullend onderzoek.

De uitvoeringsmaatregelen worden in samenwerking met de gemeente Aalsmeer uitgevoerd in de periode 2008 – 2021. In dit collegevoorstel is het Rijnlandse deel van de kosten in concept geraamd, maar wordt na de inspraak in detail uitgewerkt en wordt een kredietverzoek onderbouwd. Met de investerings- en exploitatiekosten van dit ontwerpwaterplan, respectievelijk € 4,2 mln én € 0,5 mln, is rekening gehouden in het WBP3 en de Begroting en Meerjarenraming 2008-2012.

Besluit:

1. het college stemt in met het vrijgeven van het ontwerp waterplan Aalsmeer ten behoeve van de inspraak en

2. stemt in met de concept V.V.-mededeling over de vrijgave.

Meergrond

Vergaderstuk: 08.05780
Ingediend door: Hoeven/MOB

Toelichting:

De samenwerkingsovereenkomst Baggerontvang- en bewerkingslocatie MeerGrond in de gemeente Haarlemmermeer tussen Rijnland en de partners Dura Vermeer en De Vries en van de Wiel loopt eind september 2009 af. De overeenkomst kan worden verlengd of beëindigd. Dit voorstel beoogt tot een uitspraak daarover te komen.

Daarnaast speel een rol dat de gemeente de baggerontvang- en bewerkingslocatie wenst te verplaatsen.

Voorgesteld wordt de overeenkomstte verlengen.

Besluit:

1.Overleg met de partners te voeren met als doel tot verlenging van de samen-werkingsovereenkomst voor de VOF MeerGrond te komen met zonodig aan de omstandigheden aangepaste voorwaarden.

2. Vanuit die intentie met de gemeente Haarlemmermeer gaan onderhandelen over verplaatsing van de baggerontvang- en bewerkingslocatie.

Liquiditeisprognose januari t/m december 2008 en 2009 t/m 2012

Vergaderstuk: 08.04540
Ingediend door: van Velsen/ADM

Toelichting:

Bijgaande liquiditeitsprognose betreft de maanden januari tot en met december 2008. Daarnaast wordt een prognose gegeven voor de jaren 2009 tot en met 2012.

Met behulp van de liquiditeitsprognose wordt een inzicht verkregen in de liquiditeitspositie voor de komende maanden. De liquiditeitsprognose kan vervolgens gebruikt worden bij het bepalen van de hoogte van eventueel aan te trekken middelen of bij het uitzetten van (tijdelijk) overtollige middelen.

Daarnaast is de liquiditeitsprognose een belangrijk instrument ter bewaking van de kasgeldlimiet.

De kasgeldlimiet bedraagt voor 2008 € 35 mln (2009 € 37 mln; 2010 € 39 mln; 2011 € 40 mln en 2012 € 42 mln). Volgens de huidige prognose zal de kasgeldlimiet eind 2008 overschreden gaan worden. Door langgeldleningen van € 17 mln eind 2008, € 61 mln in 2009, € 59 mln in 2010, € 76 mln in 2011 en € 49 mln in 2012 kunnen de toekomstige verwachte overschrijdingen worden voorkomen.

Besluit:

Het college neemt kennis van de liquiditeitsprognose

Wijze van effectueren ontvangstplicht verspreidbare baggerspecie

Vergaderstuk: 08.03879
Ingediend door: van der Hoeven/BLD

Toelichting:

Het hoogheemraadschap is voor een groot aantal watergangen in het beheergebied verantwoordelijk voor het uitvoeren van het baggeronderhoud. Voor de verspreidbare baggerspecie, die bij dit onder-houd vrij komt, geldt dat aangelanden verplicht zijn om deze baggerspecie op hun gronden, die gren-zen aan de watergang te ontvangen. Het hoogheemraadschap legt deze verplichting op met de Keur.

Ondanks de verplichting om baggerspecie te ontvangen is de vanzelfsprekendheid van het verspreiden van baggerspecie op de kant sterk afgenomen. De redenen hiervoor zijn de oprukkende bebouwing, de intensivering van het landgebruik, maar ook de afgenomen acceptatie van de ontvangstplicht. Met als gevolg dat in veel situaties, voornamelijk in stedelijk gebied, het verspreiden van bagger onmogelijk is geworden.

In dit voorstel zijn een vijftal varianten uitgewerkt op basis waarvan het bestuur wordt

gevraagd een keuze te maken. Het voorstel handelt alleen over verspreidbare baggerspecie vrijkomend uit watergangen waarvan het baggeronderhoud bij Rijnland berust. Voorgesteld wordt om variant 5 nader uit te werken in een beleidsregel. De financiële consequenties, zoals reeds indicatief beschreven in dit voorstel, zullen in samenhang met de andere relevante aspecten, zoals organisatorische en juridische aspecten, worden beschreven in de integrale baggernota 2008 (besluitvorming december 2008).

Variant 5 betreft:

  • het niet effectueren van de ontvangstplicht voor particulieren in stedelijk gebied en ook niet in het gedeelte van het landelijk gebied wat qua landgebruik overeenkomt met stedelijk gebied;
  • het effectueren van de ontvangstplicht in landelijk gebied voor particulieren alleen daar waar fysiek de mogelijkheid toe is;
  • het uitkeren van een ontvangstvergoeding aan particulieren daar waar de ontvangstplicht geëffectueerd wordt;
  • het blijvend effectueren van de ontvangstplicht voor overheden.  

Besluit:

  • In te stemmen met het voorstel om het opstellen van een afvoerregeling en een nadeelcompensatie-regeling, zoals besloten in het Collegevoorstel “effectueren ontvangstplicht van baggerspecie” uit 2007, te verlaten;
  • In te stemmen met het voorstel om de ontvangstplicht conform variant 5 uit te voeren en dit uit te werken in een beleidsregel;
  • In te stemmen met een praktische invulling van de ontvangstplicht in de baggerwerken, gedurende de periode gelegen tussen de datum van dit besluit en het vaststellen van de beleidsregel, die in overeenstemming is met de uitwerking zoals uiteengezet in variant 5;
  • De VV door middel van het agendapunt Mededelingen over dit onderwerp informeren

Overdracht van de afvalwaterzuiveringsinstallatie Leiden-Noord aan de Stichting Beheer van het Gemeene Land

Vergaderstuk: 08.04779
Ingediend door: van Velsen/Groen/ADM

Toelichting:

Vanwege de aanstaande renovatie en aanpassing van de afvalwaterzuiveringsinstallatie Leiden-Noord is het gewenst deze installatie onder te brengen in de sale-and-lease-backregeling met de Stichting Beheer van het Gemeene Land.

Besluit:

Het in economische eigendom overdragen van de afvalwaterzuiveringsinstallatie Leiden-Noord aan de Stichting Beheer van het Gemeene Land en het aangaan van huur- lening- en verbouwings-overeenkomsten.

Pilot Zandvoort – aanpassing Waterkeringsbeheerplan, katern Bouwbeleid (Nota van beantwoording)

Vergaderstuk: 08.03769
Ingediend door: Groen/BEL

Toelichting:

De pilot Jaarrondpaviljoens Zandvoort is per 1 februari 2007 afgerond. In de pilot werden de effecten van een jaarrondpaviljoen bestudeerd op de morfologie van het strand en duin en daarmee op de sterkte van de waterkering. Ook toeristisch recreatieve waarden en effecten op het verkeer zijn in de pilot meegenomen. In de 5 jaar van de pilot zijn geen noemenswaardige stormen opgetreden en heeft maar 1 paviljoen meegedaan. Een goede afronding van de pilot Zandvoort is vanwege gebrek aan informatie strikt genomen niet mogelijk. Toch kunnen we wel enkele uitspraken doen, omdat de vele discussies over jaarrondpaviljoens ons inmiddels een beter inzicht hebben gegeven.

Vanwege de dynamiek is de kust in Rijnland gevarieerd, waardoor voor elk strandvak (de ruimte tussen twee rijkspalen op het strand) en elk paviljoen een eigen set vergunningsvoorwaarden gaan gelden. De set van randvoorwaarden wordt samen met de gemeenten uitgewerkt en als 1 set in de bijlagen van de vergunningen van gemeenten en Rijnland opgenomen.

De belangrijkste voorwaarde voor Rijnland is dat de paviljoens meegroeien met de beweging van het zand. Dit betekent dat de locatie van de paviljoens eens per 5 jaar herzien wordt.  De paviljoens komen daarbij op voldoende grote afstand uit de duinvoet te staan dat winderosie geen effect heeft op de duinvoet. Als in de praktijk blijkt dat de duinvoet meer groeit dan voorspeld dan zal het paviljoen op aanwijzen van Rijnland moeten worden verplaatst.

Het toestaan van jaarrondpaviljoens is in het huidige beleid niet toegestaan Om deze beleidswijziging mogelijk te maken is het bouwkatern van het Waterkeringsbeheerplan aangepast en ter visie gelegd.

Er zijn negen zienswijzen ten aanzien van de beleidswijziging ontvangen.

Met betrekking tot de zienswijze dat Rijnland ook buiten de rode contouren jaarrondexploitatie mogelijk zou kunnen maken wordt opgemerkt dat in de Nota Strandbeleid, die dit jaar opgesteld wordt, mogelijke locaties buiten de rode contour getoetst zullen worden aan de streekplannen, bestemmingsplannen, waterkeringsbeheerplan (dynamisch duinbeheer) en natuurbeschermingswetten. De kaart die hiertoe wordt gemaakt zal dan een eensluidend overzicht bieden met mogelijke locaties voor jaarrondbebouwing.

Een andere zienswijze omvat het verzoek voor een verruiming van de vergunningsperiode naar 10 jaar, in plaats van 5 jaar. Rijnland houdt in principe vast aan de periode van 5 jaar, omdat in de praktijk is gebleken dat in een dergelijke periode zodanige aangroei van het duin kan plaatsvinden dat het noodzakelijk wordt het paviljoen te verplaatsen.

Besluit:

  • Het met het gewijzigde Bouwkatern van het Waterkeringsbeheerplan geformuleerde nieuwe beleid vast te stellen.
  • In te stemmen met de Nota van beantwoording

Aanvraag verlenging geldigheid peilbesluiten

Vergaderstuk: 08.04039
Ingediend door: Straathof/van der Hoeven/P&P

Toelichting:

De geldigheid van 18 peilbesluiten verloopt in 2008. Voor een klein deel (4 polders) starten we de herziening van het peilbesluit. Een belangrijk deel (14) van deze peilbesluiten  kunnen we herzien in de reeds gestarte of binnenkort te starten watergebiedsplannen. Hiervoor is het wel nodig om voor deze peilbesluiten verlenging aan te vragen. Via de bijgaande brieven aan Gedeputeerde Staten van Noord-Holland en Zuid-Holland vragen we verlenging aan voor de genoemde 14 peilbesluiten. Om welke polders het gaat staat in de brieven, waarnaar wij u dan ook verwijzen.

Besluit:

In te stemmen met het aanvragen van verlenging van het peilbesluit voor 14 polders, zoals aangegeven in de bijgevoegde ontwerp-brieven aan de provincies Noord-Holland en Zuid-Holland.

Commitment uitvoeringsagenda Hollandse Waterstad Gouda

Vergaderstuk: 08.05541
Ingediend door: Rosendal/P&P

Toelichting:

Gouda wil meer aandacht voor het historische water in de binnenstad. Achterliggend doel is revitalisatie van de binnenstad (recreatie/toerisme). De stad heeft deze ambitie ondergebracht in het project Hollandse waterstad. Rijnland participeert als consortiumpartner in dit project, omdat in 2004 gedacht werd dat hiermee doelstellingen uit het waterplan gehaald zouden kunnen worden.

De gemeente Gouda wil in het kader van het project Hollandse Waterstad graag bestuurlijk overleg over het volgende (brief gemeente 21 december 2007):

1).  De gemeente geeft aan te streven naar een gemeenschappelijk besluit over het al dan niet open graven van de gracht Nonnenwater en Verloren Kost en de daarbij horende kostenverdeling.

De gemeente vraagt Rijnland om een bijdrage van 50% in de totaalkosten (mondelinge toevoeging n.a.v. brief). Dit betekent een Rijnlandse bijdrage van € 2.5 miljoen. Alleen bij een dergelijke bijdrage is realisatie van de gracht op relatief korte termijn mogelijk.

2).  De gemeente lijkt zijn focus te verschuiven naar het realiseren van het deelproject “ Intieme vaarwegen” (ambitie 3, zie omschrijving project). De gemeente wil naar aanleiding van deze verschuiving een gesprek met Rijnland over de uitvoeringsagenda van het project Hollandse waterstad. Het gaat de gemeente op dit moment om steun voor het vervolgtraject. Ze wil inzicht in de richting voor het verder uitwerken van maatregelen en de orde grootte van de bijdrage van Rijnland (mondelinge toevoegingen n.a.v. brief).

Op 5 maart vindt naar aanleiding van de bovengenoemde brief bestuurlijk overleg plaats. Doel van dit collegevoorstel is om in het bestuurlijk overleg Rijnlands positie ten aanzien van het openmaken van Nonnenwater en Verloren Kost te kunnen geven. Daarnaast wordt het college gevraagd richting gevende uitspraken te doen over Rijnlands commitment t.a.v. het uitvoeringsprogramma en de portefeuillehouder te machtigen deze in het bestuurlijk overleg over te brengen.

Van de belangrijkste maatregelen in het uitvoeringsprogramma is, vanuit het effect dat deze maatregelen hebben op de wateropgaven, bepaald of deze aanzienlijk of gering nut hebben voor de waterhuishouding ofwel alleen historisch waterstaatkundig van belang zijn (bijlage 1).

Per categorie maatregel (aanzienlijk nut, gering nut, alleen historisch waterstaatkundig nut) zijn drie varianten uitgewerkt. De ambtelijke voorkeursvariant is vervolgens per categorie aangegeven met daarbij de overwegingen. Voorgesteld wordt te kiezen voor de plusvarianten. Het gaat in dit stadium om een denktrant waarbij een aantal voorwaarden gesteld worden voor de verdere uitwerking.

Bij de keuze voor de plusvarianten draagt Rijnland ten opzichte van de basisvariant ordegrootte 1,2 mln extra bij aan de projecten. We bereiken hiermee dat de watergang in de Vijverstraat wordt gerealiseerd en we dragen bij aan het verwijderen van overkluizingen. Hiermee draagt Rijnland vooral bij aan de maatregelen die het meeste waterhuishoudkundige nut hebben, maar wordt wel rekening gehouden met de aspecten cultuurhistorie, recreatie en communicatie. Het opengraven van het Nonnenwater/Verloren Kost is bij deze keuze (voorlopig) van de baan, omdat deze maatregel slechts van gering nut blijkt te zijn. Rijnland geeft, met bijdragen voor andere projecten, wel zijn welwillendheid aan, zowel tegenover gemeente als tegenover de buitenwacht.

Besluit:

1) Besluit Nonnenwater/verloren Kost

Voorgesteld wordt niet zoals door de gemeente gevraagd 50%  à 2.5 miljoen bij te dragen aan de realisatie van deze gracht (consistent met de plusvariant voor maatregelen van gering waterhuishoudkundig nut). Dit betekent dat de gracht er (voorlopig) niet komt. Wellicht vindt de gemeente op lange termijn andere partners. Medefinanciering door Rijnland is dan volgens de voorgestelde lijn wel aan de orde (circa 10%).

2) Richtinggevende uitspraken uitvoeringsagenda

Voorgesteld wordt de portefeuillehouder de plusvarianten als richtinggevende uitspraak mee te geven bij het bestuurlijk overleg en als voorwaarde te stellen dat het onderhoud van de inlaatkunstwerken en de watergangen in de binnenstad door de gemeente op orde wordt gebracht.

Wob-verzoek Stichting “Wij vertrouwen stemcomputers niet”.

vergaderstuk: 08.05796
Ingediend door: DGF/ADV

Toelichting:

De Stichting "Wij vertrouwen stemcomputers niet" heeft Rijnland bij brief van 10 januari 2008 op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) verzocht een kopie te ontvangen van alle documenten en correspondentie betreffende internetstemmen (in de ruimste zin) die ontstaan zijn na 1 januari 2006.

In de bijlage staan de documenten aangegeven, waarop het Wob-verzoek betrekking heeft.

Een van de bijlagen bij stuk 1.7 bevat de begroting van producten en diensten, die het Waterschaps­huis in het kader van zijn beoogde bijdrage aan het project Landelijke Water­schapsverkiezingen aan de Unie van Waterschappen heeft doen toekomen. Dit document geeft inzicht in de tarieven die men hanteert voor specifieke onderdelen van het te verrichten werk. Deze informatie wordt aangemerkt als vertrouwelijk verstrekte bedrijfsgegevens die gelet op de Wob niet openbaar mag worden gemaakt.

Voor het overige bestaat er geen bezwaar tegen het verstrekken van de kopieën.

Besluit:

Het College besluit het verzoek om openbaar­making - met uitzondering van één van de bijlagen bij document 1.7 (de begroting van producten en diensten van het Waterschaps-huis in het kader van de beoogde bijdrage aan het project Landelijke Water­schapsverkiezingen) - in te willigen.

 
Naar boven