Verslag gebiedscommissie Zuid 3 maart 2005

Logo van het hoogheemraadschap van Rijnland
 

Sidebar

Home > Bestuur > Agenda´s en verslagen > Gebiedscommissie Zuid > Verslag gebiedscommissie Zuid 3 maart 2005

Verslag gebiedscommissie Zuid 3 maart 2005

Agenda

1. Opening

2. Inspreekrecht

3. Vaststellen agenda

4. Belastingveranderingen 2005

5. Werkwijze commissie

6. Bestuurlijke actualiteiten

7. Informatievoorziening door districtshoofd en hoofd Planvorming

8. Rondvraag

9. Sluiting

8. Sluiting

Verslag

1. Opening

De voorzitter opent de eerste vergadering van de gebiedscommissie, waarin vooral de werkwijze  en de ambities van de commissie aan de orde zullen komen.

2. Inspreekrecht

Omdat er geen belangstellenden uit het gebied bij de vergadering zijn, wordt dit agendapunt gepasseerd.

3. vaststellen agenda

Ingelast wordt het punt “belastingveranderingen 2005”. Met die toevoeging wordt de agenda vastgesteld.

4. Belastingveranderingen 2005

Mevrouw Ruinard geeft een toelichting op de veranderingen per 2005. Daarbij besteedt zij aandacht aan de oorzaken van de tariefswijzigingen, te weten het gelijktrekken van de tarieven en de nieuwe kostentoedeling. Verder gaat zij in op het communicatietraject van Rijnland vooraf en de reacties van de burgers naar aanleiding van de aanslagen ingezetenenomslag en verontreinigingsheffing. Rijnlands uitleg van te voren en die bij de aanslagbiljetten is blijkbaar niet voldoende geweest en daarom wordt nu extra aandacht aan de communicatie besteed.

In maart worden o.a. de aanslagen aan de huiseigenaren opgelegd. De bijsluiters worden aangepast en wordt extra aandacht geschonken aan te verwachten vragen in verband met de wijzigingen in de WOZ waarden. Rijnland heft op basis van de waarden die de gemeenten hebben bepaald. Indien de nieuwe waarde van de WOZ nog wijzigt, wordt het aanslagbedrag later verrekend. Verder wordt uitgelegd dat Rijnland niet wil profiteren van eventuele waardestijging in het kader van de WOZ; eventueel teveel ontvangen belastinggeld wordt in 2006 vereffend in de hoogte van het tarief.

5. Werkwijze commissie

De voorzitter vraagt aan de commissieleden zich uit te spreken over het doel van de commissie en de verwachtingen die leven over het functioneren. Vervolgens spreken alle leden zich uit. Nadat over enige punten discussie is gevoerd, wordt afgesproken het resultaat van de discussie uit te schrijven in het verslag.

Doel van de gebiedscommissie

Het doel van de gebiedscommissie is vooral om de inbreng vanuit de verschillende achtergronden bij elkaar te brengen. Het product daarvan wordt als een mening of advies uitgebracht aan het college van dijkgraaf en hoogheemraden. De meerwaarde daarvan voor Rijnland is dat de besluitvormingsprocessen worden ondersteund.

Rol van de gebiedscommissie

De rol van de commissie is die van intermediair tussen de burgers uit het gebied en het college van dijkgraaf en hoogheemraden.

Communicatiestructuur

De commissieleden zijn representanten van hun achterban. De contacten met de achterban lopen via de individuele leden (en dus niet via de commissie). Met deze structuur wordt beoogd dat de commissie niet als spreekbuis gaat functioneren van belanghebbenden. Dat staat niet in de weg dat de commissievergaderingen een openbaar karakter hebben en belangstellenden gebruik kunnen maken van het inspreekrecht. De commissie neemt kennis van wat daarbij naar voren is gebracht en betrekt dat in haar oordeelsvorming.                                                  

Werkwijze

De werkwijze van de commissie past in de door de Algemene Vergadering gekozen structuur. Daardoor wordt gewaarborgd dat er geen extra bestuurslaag in Rijnland wordt gevormd. In de werkwijze wordt het primaire besluitvormingsproces centraal gesteld. Dat betekent dat het commissiewerk dat primaire proces ondersteunt en voorkomen wordt dat er een vertragende factor optreedt.

Gelet op het doel van de commissie staan in de werkwijze verder voorop, naast de al genoemde representatie van de achterban, informatieverwerving vanuit verschillende bronnen, onderlinge communicatie en oordeelsvorming.

Nadat de commissie haar mening heeft geformuleerd, wordt deze schriftelijk vastgelegd en aan het college kenbaar gemaakt.

Te behandelen onderwerpen

De commissie is van mening dat het succes afhangt van haar inbreng over gebiedsspecifieke zaken. Deze inbreng wordt vertaald in een advies als het gaat om een te nemen besluit.

Bij gebiedsspecifieke zaken wordt gedacht aan bijvoorbeeld de wijze van schouwvoering en de voorbereiding (in de fase waarin de uitgangspunten worden geformuleerd) van peilbesluiten.

Het programma

De commissie ziet graag de volgende onderwerpen in het programma terugkeren.

  • de algemene en de gebiedsspecifieke beleidsthema’s
  • de voorbereiding van en de voortgang van de uitvoering van de grotere projecten (met inbegrip van projecten op het gebied van het zuiveringsbeheer)
  • inzicht in bestuurlijk relevante actualiteiten

6. Bestuurlijke actualiteiten

De commissie neemt kennis van de volgende actualiteiten, die in hoofdlijnen de revue passeren.

  • grondwaterproblematiek Wassenaar.
  • inrichting calamiteitenberging Driemanspolder. Toegezegd wordt dat de leden de nota stategisch aankoopbeleid toegezonden wordt.
  • Problematiek peilbesluit en zoute kwel polder De Noordplas.
  • Het boomteeltpact Boskoop. Toegezegd wordt dat de leden het pact toegezonden wordt.
  • Zorgpunt voldoende zoet water boomteeltgebied Boskoop.
  • Waterplannen in diverse gemeenten, o.a. Zoetermeer, Gouda, Bodegraven, Alphen en Leidschendam.
  • Landinrichtingsprojecten Boskoop, Reeuwijk en Driebruggen.
  • Waterkwaliteitsproblematiek en ecologische kwaliteit Reeuwijkse Plassengebied.
  • Ontwikkeling vliegveld Valkenburg
  • Totstandkoming nieuwe keur en beleidsregels.
  • Stand van zaken schadeclaims wateroverlast 2001.
  • Stand van zaken aansprakelijkheidskwestie Stompwijk.

7. Informatievoorziening districtshoofd Zuid en hoofd Planvorming

De heer Westhoek en mevrouw Dreise geven in hoofdlijnen aan met welke activiteiten hun afdelingen bezig zijn. Verder wordt met kwantitatieve gegevens aangegeven waar de zorg van het district en over welke waterstaatswerken beheer en onderhoud wordt uitgeoefend. Tenslotte wordt aangegeven welke projecten er in uitvoering worden genomen.

8. Rondvraag

Naar aanleiding van vragen wordt het volgende toegezegd.

Hoogheemraad Groen zal nagaan wordt of de kade langs de Elleboogse watering (uitstroom gemaal Palenstein Zoetermeer) op het verbeteringsprogramma is opgenomen.

Het college zal een uitspraak doen over de vraag of de grote waternavel door Rijnland of door de onderhoudsplichtigen verwijderd moet worden.

De voorzitter zal aangeven of voor de commissie een gebiedsexcursie wordt georganiseerd.

Ambtelijk wordt nagegaan of de kade van de Drooggemaakte Geer- en Kleine Blankaardpolder langs de Noord Aa lekkage vertoont.

9. Sluiting

Onder dankzegging voor ieders inbreng sluit de voorzitter de bijeenkomst om 22.15 uur

Naar boven