Tsaar bezoekt Katwijk

Tekst: Peter Siepman

Tekst: Peter Siepman

Zaterdag 2 juli 1814. Katwijk is opvallend versierd met erepoorten en –bogen en er is veel volk op de been. Om even over half elf nadert onder luid gejuich van de kant van de Haagsche Schouw een open rijtuig, getrokken door zes paarden en gevolgd door drie koetsen.

In het open rijtuig zitten Alexander, tsaar van Rusland; de prins van Oranje, nog geen koning maar “soeverein vorst der Verenigde Nederlanden”en zijn zonen Willem, erfprins van Oranje, en Frederik. In de koetsen zitten ondermeer de vorsten Wolkonskij, Narischkin en graaf Tolstoi die de tsaar vergezellen. Bij de brug met de drijfdeuren, onderdeel van de Katwijkse Werken, worden zij ontvangen door directeur-generaal van de Waterstaat Repelaar, dijkgraaf van Rijnland Van Holst en hoogheemraden Jager, Van Leijden Gael, Van der Stael van Piershil en secretaris Wormer.

Alexander I

Alexander I, tsaar van Rusland 1801-1825

Een week eerder

Bij het bestuur van Rijnland was een week eerder een brief van de ingenieur van de waterstaat A. Blanken Jzn. binnengekomen met verzoek om de Uitwateringswerken in Katwijk klaar te maken voor een bezoek van  Alexander, tsaar van Rusland. Deze was met zijn troepen in maart 1814 Parijs binnengetrokken als overwinnaar van Napoleon. Hij maakte daarna  een zegetocht door Frankrijk, Engeland en Nederland waar hij overal werd toegejuicht als bevrijder van Europa. In Nederland aangekomen was de Katwijkse Uitwatering een van de bezienswaardigheden die voor hem uitgezocht waren om te bezoeken. Het verzoek van Blanken was niet zo vreemd want hij was ook inspecteur der Katwijkse werken.  Nadat alles in gereed was gebracht voor het hooggeplaatste bezoek was het dan nu zover.

De rondleiding

Na de ontvangst bij de brug werd eerst de stoommachine aan het Katwijks Kanaal bezocht. De tsaar, die in Engeland al verschillende van die machines gezien had,  keek er aandachtig naar en maakte wat opmerkingen. Zou hij gezien hebben dat het ding niet deugde? Rijnland verkocht de machine enkele jaren later omdat hij niet goed werkte en meestal stilstond. Hierna werden de gradeerhuizen voor de zout- of pekelmakerij van de heer Bucaille bezocht waarbij Alexander zelfs van de pekel proefde. Vervolgens reden de bezoekers naar de Buitensluis waar onder het oog van de tsaar de vijf schuiven van de sluis, elk met een gewicht van 12.000 pond, door vier man bijna onhoorbaar werden opgewonden. Met genoegen keek Alexander hoe na het openen van de sluisdeuren het water uit het Katwijks Kanaal in de Noordzee stortte met een verval van ongeveer 50 duimen en hij liet zich, omringd door vele toeschouwers, alles uitleggen over de bouw, de werking en het doel van de uitwatering.

Het huis van Rijnland te Katwijk

Het huis van Rijnland aan de Binnensluis te Katwijk circa 1955, kort voor de afbraak. Het gedeelte links bevatte behalve de woning van de opziener ook vergaderlokalen  voor het college.

 

Het déjeuner

Na dit alles gezien te hebben ging het gezelschap naar het huis van Rijnland bij de Binnensluis. (Afgebroken ca. 1955; het diende als woning van de opziener te Katwijk maar bevatte ook vergaderlokalen voor het college. Het huis stond ten westen van de timmerloods). Van te voren was daar een gehuurd tapijt neergelegd om het beter toonbaar te maken. In het huis werd Alexander namens Rijnland een déjeuner (lunch) aangeboden, bestaande uit brood, boter,  kaas en vooral veel drank. Het college werd nu door de directeur-generaal van de Waterstaat nader voorgesteld aan de tsaar. Dijkgraaf Van Holst richtte zich hierna met een welkomstwoord tot Alexander dat begon met de woorden: “Sire! Permettiez que les membres de l’administration des digues du Rhinland rendent leurs hommages au plus illustre empereur, nous sommes combles de joie et de reconnaissance de voir ce grand monarque qui a rendu la paix a l’Europe visiter les travaux de Katwijk.” Samengevat gaf hij aan dat Rijnland zeer vereerd was met het bezoek van de grote monarch die de vrede aan Europa had teruggegeven.

 

Welkomstwoord van dijkgraaf Holst

Aanhef van het welkomstwoord van dijkgraaf Van Holst

 

Tsaar Alexander beantwoordde de dijkgraaf met een kort dankwoord: “Mijne heeren, ik ben gevoelig over de wijze waarop ik hier bij deze werken ben ontvangen. Ik heb dit grote werk met genoegen bezien. Het is een meesterstuk”. Intussen verdrong het publiek zich voor de openstaande ramen van het huis om maar niets te hoeven missen van het tafereel dat zich binnen afspeelde. Van de conversatie zullen ze weinig begrepen hebben want de voertaal was Frans. En dat zal in Katwijk in 1814 vermoedelijk door weinig mensen gesproken zijn. Inmiddels zat de stemming er goed in bij het vorstelijke gezelschap wat niet in de laatste plaats te danken zal zijn geweest aan de 16 flessen rode wijn, 12 flessen jenever en 16 kruiken bier die bij het déjeuner geserveerd werden. Toch vond tsaar Alexander nog gelegenheid om nauwkeurig de kaarten en tekeningen van de sluizen te bestuderen waarbij hij zich liet voorlichten door Rijnlands college.

Afscheid

Tegen half een stapten de gasten weer in hun rijtuigen om, opnieuw luid toegejuicht,  hun weg te vervolgen naar Haarlem. Maar voor dat zij vertrokken liet  directeur-generaal van de Waterstaat Repelaar aan dijkgraaf en hoogheemraden weten dat Zijne Keizerlijke Majesteit zijn tevredenheid had betuigd over de ontvangst en het genoegen dat hij er aan beleefd had. Tsaar Alexander keerde nooit terug in Holland. Zijn zuster, Anna Paulowna, huwelijkte hij uit aan de bij het bezoek aan Katwijk ook aanwezige erfprins van Oranje, de latere koning Willem II. Wie weet is deze verbintenis dus beklonken bij het door Rijnland aangeboden déjeuner!

 

Verslag van het bezoek

Van het bezoek is een uitvoerig verslag bewaard gebleven