Project ‘Pilot baggerspuit’ en ‘Waterbodemkwaliteitskaart’

Mijn naam is Leon Schoemaker en ik ben een derdejaars student civiele techniek aan de Hogeschool van Amsterdam. In de studie civiele techniek doe ik een specialisatie op het gebied van watermanagement. Om een goede praktijk ervaring te krijgen van het werkende leven loop ik voor 20 weken stage bij het hoogheemraadschap van Rijnland.

Via een studiegenoot heb ik contact gekregen met Rijnland en kon ik twee weken na mijn sollicitatiegesprek al aan de slag. Eind februari 2016 ben ik begonnen bij afdeling projecten in de baggercluster. De baggercluster houdt zich bezig met alle baggerwerkzaamheden in het beheersgebied van Rijnland. Bij het baggeren is erg belangrijk om te zorgen dat de watergang op diepte blijft en een goede kwaliteit krijgt. Naast het baggeren moet er ook gedacht worden aan het in- en uitpeilen van watergangen en waterbodemonderzoeken. Tijdens mijn stage heb ik mij verdiept in twee projecten, het project ‘Pilot baggerspuit’ en ‘Waterbodemkwaliteitskaart’.

De pilot baggerspuit is een opdracht waarbij de baggerspuit wordt vergeleken met traditioneel baggeren. Zo worden ze vergeleken op het gebied van kosten, ecologie, waterhuidhoudkundig oogpunt. Daarnaast wordt er rekening met agrariërs gehouden. Het is erg belangrijk dat zij te vrede zijn, dus moet er goed afgestemd worden wat zij het liefst hebben. Voor beide methodes zijn er voor- en nadelen. Uit de pilot moet blijken of de baggerspuit methode effectiever voor Rijnland is dan baggeren op traditionele methode.

Het andere project is het opstellen van een Waterbodemkwaliteitskaart (WBKK). Als er gebaggerd gaat worden is het nu zo dat er een waterbodemonderzoek uitgevoegd wordt. In de toekomst zou dit anders kunnen zijn. De WBKK is een wettelijk bewijsmiddel voor de kwaliteit van vrijkomende bagger. Door toepassing van een WBKK kan een besparing op onderzoekkosten worden gerealiseerd en sneller worden ingespeeld op knelpunten. Hiermee is het mogelijk om ook de uitvoering van het baggerproject te versnellen. Er hoeft voor sommige watergangen geen waterbodemonderzoek afgelegd worden en kan er gelijk begonnen worden met baggeren. Een paar andere waterschappen werken al met deze kaart en Rijnland is van plan om deze kaart ook op te stellen.

Om deze twee projecten goed op te stellen heb ik veel overlegd met deskundigen binnen en buiten Rijnland. Zo ga je langs collega’s, aannemers, ingelanden, beheerders en andere waterschappen om kennis en ervaringen op te doen. Je bent dus niet alleen achter je bureau aan het werk, maar komt ook veel buiten het kantoor van Rijnland. Hierdoor leer je ook veel mensen in jou vakgebied kennen en op een professionele manier te werken met elkaar.

De eerste stage weken zijn even wennen, maar na een paar weken werken zit je helemaal in het ritme en weet je al hoe de meeste dingen lopen. Je wordt goed opgevangen door je medecollega’s die je graag helpen te ontwikkelen. Daarnaast doe je ook meerdere malen werk of veldbezoek met je collega’s. Een van de werkbezoeken was naar de Blauwe Meije bij woerden, waar we met begeleiding naar baggerwerkzaamheden hebben gekeken en vergaderd hebben met lunch. Deze werkbezoeken zorgen voor wat afwisseling in je stage periode. Het is ook nog eens goed om te zien hoe de baggerwerkzaamheden in de praktijk worden uitgevoerd.

Het hoogheemraadschap van Rijnland is een fijne omgeving om te werken. Het is een plek om jezelf goed te ontwikkeling. Je bent er om te leren, dus kleine foutjes maken mag. Hierbij krijg je goede feedback op je fouten, zodat deze niet weer gebeuren. Ook vakinhoudelijk neem je veel kennis op. Elke donderdagochtend kan je ook een interne opleiding meeleven. Deze interne opleidingen zijn presentatie over projecten van collega’s of over wat er speelt en wat er zoal in een grote organisatie als Rijnland omgaat.

Mijn stage bij Rijnland loopt tot midden juli tot dan ben ik nog veel bezig met mijn twee projecten. Tussen de start periode en nu heb ik al veel geleerd bij en over Rijnland. Ik ben erg tevreden dat ik mijn stage bij het hoogheemraadschap van Rijnland mag lopen.