De Nieuwe Meer (gebiedsproces)

Gebiedsproces: resultaten 2013

Gebiedsproces: resultaten 2013

De Nieuwe Meer is tot ongeveer 40 meter uitgediept voor zandwinning. Later is er slib gestort. De maximum diepte bedraagt nu ongeveer 31 meter. Er vindt beroeps- en pleziervaart plaats, er zijn meedere jachthavens, er wordt koelwater gewonnen en er wordt spoelwater van ontzilting van zeezand geloosd.

Het water staat in open verbinding met de Ringvaart en maakt onderdeel uit van de boezem. De plas is voedselrijk maar toch groeien er niet veel algen door actieve verticale menging door een beluchtingsinstallatie. Dit is echter geen duurzame oplossing en daarom zijn we op zoek naar alternatieven. Verder is de inrichting van de oevers ook niet optimaal. Er groeien weinig waterplanten, en er is een visgemeenschap van Blankvoorn-brasem.

Resultaten gebiedsproces Nieuwe meer

Om een beeld te krijgen van de beleving van de Nieuwe Meer bij externe partijen is gesproken met de Gemeente Amsterdam - Stadsdeel Nieuw West, vereniging de Oeverlanden Blijven. Het Amsterdamse Bos (gemeente Amsterdam) en de Amsterdamse Hengelsportvereniging. Alle partijen geven aan graag te willen samenwerken om gezamenlijk doelen te bereiken ten aanzien van de waterkwaliteitsverbetering en daaraan gerelateerde functies en gebruik. Daarnaast is een aantal organisaties benaderd door middel van een avondbijeenkomst in december.

De noordelijke oever van het meer is nu nog in beheer bij het stadsdeel maar zal in 2015 overgaan naar het Amsterdamse Bos. Een herinrichting van het gebied is dan mogelijk aan de orde waarbij de bestaande beluchtingsinstallatie een belangrijk aandachtspunt zal zijn. Het Amsterdamse Bos heeft in het Bosplan 2012-2016 (2011) de ambities vastgelegd. De Nieuwe Meer grenst aan een natuurzone (zuidzijde) waarmee het watersysteem ook een afgeleide natuurdoelstelling heeft. Als compensatie voor de aanleg van de Bosbaan zijn vooroevers aangelegd voor de zuidelijke oever van de Nieuwe Meer waarachter riet ontwikkeling zou moeten plaatsvinden. Dit zijn ook de plekken die door Rijnland zijn aangemerkt voor ontwikkeling van oevervegetatie. Hier zou mogelijk voor gebaggerd moeten worden. Uit de gesprekken met het gebied kwam naar voren dat daar mogelijk puin gestort is in het verleden, wat verontreinigde bagger kan betekenen.

Stadsdeel Nieuwe West geeft als belangrijk onderwerp de verbetering van de waterrecreatie aan. Hierbij speelt de verbinding van de Nieuwe Meer met het centrum van Amsterdam een belangrijke rol. Het water is helder en vormt geen belemmering voor de recreatie. Als mogelijke maatregel om de toestroom van nutriënten te beperken worden in het veen rondom de Sloterplas drains voor het afvangen van regenwater aangelegd. Mogelijk is dit ook een maatregel voor de Nieuwe Meer.

De Amsterdamse Hengelsportvereniging (AHV) geeft aan geen klachten te ontvangen over de Nieuwe Meer. Het is een meer met diverse vissoorten en niet aangewezen voor een specifieke soort. Er wordt een verschuiving van snoekbaars naar snoek geconstateerd. Het water wordt dus helderder. De AHV voert of is betrokken bij verschillende projecten om vissen uit te zetten of te introduceren. Hieruit volgt onder andere dat de schutsluis in de Schinkel een barrière is en visvriendelijk gemaakt zou moeten worden. Door de beluchting wordt stratificatie beperkt waardoor meer waterbodem oppervlak beschikbaar is voor vis. De Nieuwe Meer is geschikt als paaigebied maar er moeten meer natuurvriendelijke oevers worden aangelegd. Door de vormgeving (eventueel met vooroeververdediging) zijn deze echter niet geschikt voor visplaatsen. De AHV wenst dan ook op deze locaties speciaal ingerichte visplekken.

De vereniging de Oeverlanden Blijven, actief op de noordoever, constateert een toename aan ondergedoken waterplanten, een gunstig teken. Daarnaast worden er veel driehoeksmosselen geconstateerd op substraten aan de oevers (bestorting). Dit wordt positief gevonden. Wel is de wens om de bestaande bestorting van de oevers aan te pakken en er een meer natuurlijke variant te creëren. Het jaagpad aan de noord oever is een historische oever. Dit is een goede optie om natuurvriendelijke oevers aan te leggen. Als het beheer van oevers straks in één hand ligt (Amsterdamse Bos) kan voor de hele Nieuwe Meer een afgewogen plan worden gemaakt voor verbetering van de oevers.

In samenwerking met Arcadis heeft Rijnland onderzoek gedaan waarin maatregelen zijn onderzocht en getoetst op effectiviteit (wat draagt de maatregel bij aan waterkwaliteit, ecologie en de KRW doelen) en uitvoerbaarheid (technisch uitvoerbaar, kosten, draagvlak). Specifieke aandacht in het onderzoek ging uit naar maatregelen die een dusdanige waterkwaliteit opleveren, dat de luchtmenginstallatie uit kan worden gezet zonder dat dit overlast van blauwalgen oplevert. Conclusies van het onderzoek zijn dat ook na mogelijke maatregelen de luchtmenginstallatie nodig is om de algenbloei tegen te gaan. Nader onderzoek is nodig om te beoordelen of alternatieven haalbaar zijn.

In 2014 wordt er een onderzoek gestart naar het effect van driehoeksmosselen op de waterkwaliteit. Deze resultaten kunnen mogelijk worden toegepast op de Nieuwe Meer en bijdragen aan het opstellen van effectieve maatregelen.

Heeft u na het lezen van de website en of gebiedsdocument nog vragen over het KRW2-gebiedsproces in uw omgeving, neemt u dan contact op met de afdeling Beleid- en Planontwikkeling. Bij voorkeur ontvangen wij uw reactie per e-mail (mailto:KRW2@rijnland.net, of bellen met (071) 306 37 77.