Meetprogramma watersysteem Rijnland

Logo van het hoogheemraadschap van Rijnland
 

Sidebar

Home > Wat doet Rijnland? > Water in meters > Meetprogramma watersysteem Rijnland

Meetprogramma watersysteem Rijnland

In juni 2001 heeft het algemeen bestuur van Rijnland goedkeuring verleend aan het project Meetprogramma watersysteem Rijnland. Doel van dit project is alle boezemwatergangen in het beheersgebied van Rijnland te laten inmeten en daarna deze meetgegevens in het Rijnlandse Geografisch Informatie Systeem (GIS) op te nemen. In totaal moet er ongeveer 1400 kilometer aan watergangen worden ingemeten. Dit is exclusief de meren en plassen in het gebied. Deze zijn in het verleden ingemeten.

In het project vinden naast het bepalen van de exacte ligging van de watergangen, ook metingen plaats van de actuele diepte en breedte van de watergangen. Daarnaast worden de kunstwerken en objecten, die een directe relatie met de taakuitvoering van Rijnland hebben, en die in of aan de watergang liggen gemeten. Hierbij valt te denken aan bruggen, duikers, woonboten, steigers, inlaten e.d.

Via onderstaande links komt u snel bij het betreffende onderwerp terecht in de tekst.

Kennisopbouw

Het inmeten van de watergangen is geen doel op zich. Enerzijds is de verkregen informatie van belang voor het verder opbouwen van de kennis van het watersysteem en is ter ondersteuning van de diverse bedrijfsprocessen binnen Rijnland. Anderzijds is het bepalen van de metingen van de watergangen ook belangrijk voor andere projecten van Rijnland. Door deze metingen is Rijnland uiteindelijk in staat te bepalen of de afmetingen van de watergangen voldoen aan de eisen die daaraan gesteld worden. Deze eisen zijn voornamelijk bepaald door de aan- en afvoerfuncties van de sloten, grachten en kanalen. Zo is het vooral in natte perioden van belang dat er geen watergangen zijn die een flessenhals vormen in de afvoer van het water naar de vier Rijnlandse gemalen.

Op basis van beoordelingscriteria kunnen de gewenste afmetingen van watergangen bepaald worden. De afmetingen waaraan een watergang moet voldoen zijn opgenomen in de Legger van Boezemwateren.

Vooronderzoek

Voorafgaand aan de metingen heeft Rijnland een onderzoek uitgevoerd naar de mogelijk toe te passen meetmethoden. Dit onderzoek leverde aanbevelingen op voor te gebruiken meetmethodes, gebaseerd op de breedte en de diepte van de watergang.

Multibeam dieptemeting op het Rijn-Schiekanaal in de omgeving van Leidschendam

Aansluitend is er een proefproject opgestart in de omgeving van Wassenaar. In totaal is daar 60 kilometer watergang ingemeten, variërend van een kleine greppel tot een kanaal met een breedte van circa 50 meter. Door de verschillen in de afmetingen van de watergangen zijn meerdere meetmethodes toegepast. In het proefproject is tevens nagegaan wat de relatie is tussen de onderlinge meetafstand en de hoeveelheid bagger die in de watergang aanwezig is. Dit onderzoek heeft geleidt tot een verdere vergroting van de onderlinge raaiafstand van de profielen. Hiermee is een belangrijke besparing in de kosten voor toekomstige metingen bereikt. Ook de overige ervaringen die in het proefproject zijn opgedaan worden gebruikt bij het verder uitwerken van het meetprogramma.

Meetmethodes

In het afgeronde proefproject zijn de aanbevolen meetmethodes toegepast. Het betreft plaatsbepaling door middel van GPS (Global Positioning Systeem, een Satelliet plaatsbepaling systeem) en via tachymetrische plaatsbepaling (terrestische landmeetkundige plaatsbepaling).

Satelliet plaatsbepalingssysteem (via GPS) biedt een hoge nauwkeurigheid (opstelling langs het Rijn-Schiekanaal)

Daarnaast zijn er diverse meetmethodes toepasbaar voor het bepalen van de diepte van de watergangen. In proefproject zijn een viertal meetmethodes toegepast, te weten:

Multi Beam metingen, voor de bredere diepere watergangen, Single Beam metingen, voor de bredere diepere watergangen, Grondradar metingen, voor de bredere diepere watergangen en smallere ondiepere watergangen, Handmatige metingen, voor de smallere ondiepere watergangen.

Het bleek dat er weinig verschillen zijn in de meetmethodes en zodoende is op basis van de resultaten niet aan te geven dat de ene meetmethode beter en nauwkeuriger is dan de andere methode. Zodoende zijn deze methodes goed bruikbaar zijn voor het inmeten van het gehele boezemstelsel. Gegeven het feit dat de methode met grondradar relatief nieuw is, zal deze wijze van meten niet breed ingezet worden in het vervolg van het meetprogramma.

Computerapparatuur aan boord van het multibeam meetschip presenteert en registreert doorlopend de metingen

Voor Rijnland geldt wel dat bij de uitvoering van het meetprogramma de meetmethode niet bepalend is, hoewel er sprake is van een voorkeur gebaseerd op ervaringen opgedaan door Rijnland en anderen in de waterschapswereld. De te realiseren nauwkeurigheden en de kosten verbonden aan een meetmethode zijn uiteindelijk bepalend voor de te kiezen uitvoeringswijze.

Meetprogramma

Het meetprogramma is deels gereed en zal voor een deel in de komende jaren worden uitgevoerd.  Alle grote bevaarbare watergangen in Rijnland zijn recent ingemeten. Het betreft hier dan de grote boezemkanalen die dienen als aan- en afvoerweg naar de boezemgemalen en tevens een waterbergende functie vervullen en ook de boezemwateren met een regionale functie, waarop een poldergemaal uitslaat of waar zich een belangrijke inlaat van een polder bevindt. De totale lengte hiervan bedraagt ruim 300 kilometer.

Voor deze watergangen is een uitgebreide inventarisatie afgerond en zijn de meetwerkzaamheden in 2004 afgerond. 

Momenteel worden alle andere hoofdwatergangen in de polders per gebied ingemeten. Dit gaat dan om watergangen met een lokale transport- en ontwaterende functie, die ook zorgen voor een zekere drooglegging van het land. Het is de verwachting dat in de loop van 2009 het gehele watersysteem van Rijnland is ingemeten.

Recent uitgevoerde activiteiten

Recent zijn er op meerdere locaties meetactiviteiten uitgevoerd.
In Haarlem zijn, in het kader van het interim-baggerprogramma van Rijnland, metingen uitgevoerd ter bepaling van de onderhoudstoestand van de diverse grachten, kanalen en sloten in en rond Haarlem is.
In de Ringvaart heeft Rijnland metingen laten uitvoeren in samenwerking met de provincie Noord Holland.
In het hele primaire stelsel hebben metingen plaatsgevonden. Hierbij zijn zowel diepte metingen uitgevoerd als metingen verband houdend met het inventariseren van alle objecten in en langs het water.

Conventionele meting van een sloot met behulp van een tachymeter. De man in het waadpak loopt met een reflector door de 'ondiepe' watergang en verzamelt op die wijze meetinformatie.

Lopende activiteiten

De metingen in het primaire stelsel zijn in april 2004 afgerond. Momenteel er gebiedsgewijs metingen plaats in het kader van het beheerregister van Rijnland. Deze gegevens worden ook gebruikt voor Peilbesluiten en Wategebiedsplannen. 
Meer informatie over de uitvoering en achtergronden van dit meetprogramma kunt u hier lezen.

Meer informatie?

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met René van der Zwan (071- 306 3351).
Naar boven