Algemeen
Gevolgen voor Rijnland
Wat betekent dit voor u
Omvang werkzaamheden in het veld
Planning werkzaamheden in het veld
Gevolgen voor Gemalen en stuwen
Vragen?
Links
De hoogteligging van gebouwen, het land en het water is gebaseerd op het Normaal Amsterdams
Peil (NAP). Dit NAP, dat een fictief vlak vormt over Nederland, is vastgelegd aan een netwerk van 500 vaste ondergrondse hoogtemerken. Van ieder hoogtemerk is bepaald wat de afstand is van de bovenkant van dit merk tot het NAP vlak. Aan deze ondergrondse hoogtemerken is weer een netwerk van ongeveer 40.000 bovengrondse peilmerken gekoppeld. Sinds 1818 staat in de wet dat peilschalen de hoogte ten opzichte van het NAP moeten aangeven. De hoogte van de peilschalen is steeds gebaseerd op in de buurt gelegen peilmerken.
De aanname was dat de vaste ondergrondse hoogtemerken nooit veranderen, en dus niet verzakken of gevoelig zijn voor geologische processen. Tijdens recente metingen is duidelijk geworden dat de ondergrondse hoogtemerken in heel Nederland wel degelijk een afwijking laten zien. In delen van Nederland zijn de deze hoogtemerken gezakt, terwijl in andere delen de hoogtemerken omhoog zijn gekomen. Hierdoor zou het NAP vlak niet meer horizontaal liggen. Daarom heeft Rijkswaterstaat besloten alle hoogtes van de hoogtemerken en de daaraan gekoppelde peilmerken ten opzichte van het NAP te corrigeren. Dit noemen we de NAP correctie. In het gebied van Rijnland is die geconstateerde afwijking ongeveer 2 centimeter. Rijnland voert deze correctie ook door.


Met de aanpassing van het NAP kloppen ook de waterstandhoogten, die de bijna 1.200 peilschalen aangeven, niet meer. Daarom hangt Rijnland vanaf oktober 2009 alle peilschalen precies 2 centimeter hoger. De waarde die dan af te lezen is zal dus juist 2 centimeter lager zijn. De werkzaamheden duren tot juli2010.
De waarde van de peilen, zoals opgenomen in de peilbesluiten, is door Rijnland opnieuw vastgelegd in een overzicht. De Verenigde Vergadering van Rijnland heeft dit vastgesteld op 5 november 2008. Dit betekent dat alle waarden van waterpeilen in de verschillende peilbesluiten met centimeter zijn verlaagd.


In de praktijk betekent het dat er binnen een polder of boezemgebied onderling niets verandert.
Dit komt omdat land, sloot, gemaal en peilschaal allemaal even veel gezakt zijn ten opzichte van het NAP. Hierdoor zijn er ook geen wijzigingen in het beheer en de drooglegging. Doordat de peilschaal weer op de juiste hoogte wordt geplaatst ten opzichte van NAP, deze wordt 2 centimeter naar boven verplaatst, verandert alleen de waarde die afgelezen wordt. Deze waarde is 2 centimeter lager dan voor de NAP aanpassing. Doordat ook de waarden in de peilbesluiten met 2 centimeter zijn verminderd, treedt er geen wijziging op in het peil en het peilbeheer. Hiermee is de correctie slechts een administratieve handeling. In de praktijk verandert er niets en daarom is een inspraakprocedure niet nodig.

Vanwege de omvang van het Rijnlandse gebied en de vele peilvakken vergt het een grote inspanning om alle peilschalen op de juiste hoogte op te hangen. Daarnaast zijn er ook peilvakken waar nog geen peilschalen aanwezig zijn. Daarnaast brengt Rijnland bij gemalen en stuwen extra hoogtemerken aan, om in de toekomst eenvoudiger controles uit te kunnen voeren.
De NAP correctie biedt Rijnland ook de mogelijkheid om alle aanwezige peilschalen goed te controleren. Wellicht zijn een aantal peilschalen in de loop van de tijd meer gezakt dan 2 centimeter als gevolg van de NAP correctie. Daarmee maakt Rijnland gelijk een kwaliteitsslag bij het controleren en goedhangen van alle peilschalen.
Zodoende is er een bestek opgesteld en heeft Rijnland een Europese aanbestedingsprocedure doorlopen, met als doel een marktpartij te selecteren die de werkzaamheden in het veld gaat uitvoeren. Dit is de firma RPS BCC uit Leerdam.
Het werk betreft de volgende aantallen:
Bestaande peilschalen controleren: 1.176
Nieuwe peilschalen aanbrengen: 409
aan te brengen hoogtemerken: 1.133
De werkzaamheden zijn 1 oktober gestart. Allereerst is een landmeetkundige basis gelegd, van waaruit de detailmetingen plaatsvinden. Aansluitend zijn er 7 deelleveringen voorzien. De voorziene realisatiedatum van het werk is 1 november 2010. Vanaf die datum zijn alle peilschalen geplaatst en/of gecontroleerd en gebaseerd op het gecorrigeerde NAP.
Hieronder zijn een tabel en kaart opgenomen, waardoor te zien is in welke regio de komende weken werkzaamheden plaatsvinden. Verder bezorgd RPS-BCC, voorafgaand aan de werkzaamheden, een brief bij de betrokken eigenaren/gebruikers.
RPS BCC is gestart met werkzaamheden in een proefgebied, het zuidelijk deel van de Haarlemmermeerpolder en een aantal polders gelegen onder de Westeinderplassen en net boven de gemeente Alphen aan den Rijn. Vervolgens vinden werkzaamheden plaats in de diverse deelgebieden, nr. 1 tot en met 6.
| gebied | start datum | einddatum | fase |
|---|---|---|---|
| proefgebied | - | - | afgerond |
| deelgebied 1 | 01-03-2010 | 30-04-2010 | afgerond |
| deelgebied 2 | 19-04-2010 | 18-06-2010 | afgerond |
| deelgebied 3 | 25-05-2010 | 13-08-2010 | in uitvoering |
| deelgebied 4 | 21-06-2010 | 10-09-2010 | in uitvoering |
| deelgebied 5 | 16-08-2010 | 08-10-2010 | - |
| deelgebied 6 | 13-09-2010 | 29-10-2010 | - |

De werkzaamheden bestaan uit het uitvoeren van landmeetkundige metingen en het aanbrengen van een hoogteboutje in een gemaal of stuw van Rijnland. In een aantal gevallen zijn deze objecten niet via de openbare weg te bereiken en is dit alleen mogelijk via het perceel van een landeigenaar. Betrokken bewoners worden hierover geïnformeerd. Aansluitend wordt een peilschaal goed gehangen/aangebracht.
Nadat de peilschalen bij gemalen en stuwen op de juiste hoogte zijn opgehangen is Rijnland nog niet klaar. De peilschaal en de waarde in het peilbesluit zijn dan wel aangepast, de apparatuur die het gemaal of de stuw aanstuurt, nog niet.
Daarom wordt direct, na het op de juiste hoogte hangen van de peilschalen, de meetapparatuur bij de gemalen en stuwen aangepast zodat ook deze apparatuur de goede waterstandshoogte aan geeft. Hiermee is de automatische aansturing van het gemaal en de stuw vanaf dat moment gebaseerd op het gecorrigeerde NAP.
Na de aanpassing van zowel de peilschalen, de waarden in het peilbesluit en de apparatuur voor de aansturing van de gemalen en de stuwen verandert er in de praktijk niets qua waterbeheersing, terwijl alle waarden wel weer in overeenstemming zijn met het gecorrigeerde NAP.

Voor vragen over dit project kunt u contact opnemen met:
de heer René van der Zwan via telefoonnummer 071-306 3063 of per e-mail rene.zwan@rijnland.net,
Voor meldingen/klachten over de uitvoering van dit project kunt u contact opnemen met:
RPS-BCC, de heer J. Slijkerman via telefoonnummer 0343-639696 of per e-mail j.slijkerman@rps.nl
Meer informatie over dit onderwerp vindt u op de volgende websites:
