Oosterduinse Meer

Werken aan water

Het Oosterduinse Meer is een zandwinput ten noorden van Noordwijkerhout en is onderdeel van het boezemstelsel van Rijnland. Door de vorming van blauwalgen is de zwemwaterkwaliteit er niet altijd even goed, waardoor vaak een zwemwaarschuwing of negatief zwemadvies geldt. Rijnland heeft zich aangesloten bij een onderzoek dat de waterkwaliteit moet verbeteren: het toepassen van waterstofperoxide.

Onderzoek: nieuwe methode bestrijden blauwalg

Het toepassen van waterstofperoxide aan het water ter bestrijding van blauwalg is een nieuw methode, ontwikkeld door de Universiteit van Amsterdam  en ARCADIS. De aanpak is gebaseerd op het met waterstofperoxide selectief verstoren van de stofwisseling van de blauwalg, waardoor deze niet meer kan groeien en dood gaat. Door waterstofperoxide in lage concentraties aan het water toe te voegen, zullen blauwalgen afsterven en wordt drijflaagvorming voorkomen. Een voordeel is dat de natuurlijke gelaagdheid van een (diepe) plas intact gehouden wordt, wat bijdraagt aan een duurzaam watersysteem. Voor dit onderzoek is een STW-beurs (Stichting Technische Wetenschappen) aangevraagd en gehonoreerd. Het onderzoek gaat in 2016 van start duurt vier jaar gaan.

Rijnland is positief over de methode en participeert daarom in het onderzoek. Het onderzoek is een samenwerking tussen Rijnland en Universiteit van Amsterdam, Arcadis, Kemira, Waternet, STOWA, gemeente Noordwijkerhout en de provincie Zuid-Holland.  Indien de resultaten veelbelovend zijn, kan deze methode blijvend ingezet worden voor het Oosterduinse Meer.

Waterkwaliteit sterk beïnvloed door grondwater

In het Oosterduinse Meer zit veel fosfor dat een voedingsstof is voor algen. Dit leidt tot overmatige bloei van (blauw)algen, al dan niet gepaard met drijflagen. Om beter inzicht te krijgen in de problematiek is een uitgebreide watersysteemanalyse uitgevoerd en de grondwaterstroming in beeld gebracht. Het blijkt dat het fosfor grotendeels met het grondwater (afkomstig uit polder Het Langeveld, bollengebied ten westen van de plas) het meer in stroomt. Dit is niet eenvoudig aan te pakken. Het aanbrengen van een afdichting op de bodem van het meer is om verschillende redenen niet haalbaar. Tevens is uit berekeningen gebleken, dat met een onttrekking de toestroom van grondwater niet voldoende beperkt kan worden, zonder dat negatieve effecten op het duingebied (verdroging) optreden. Voor het Oosterduinse Meer is een bronaanpak dus niet haalbaar of voldoende effectief. Maatregelen kunnen zich daarom beter richten op het verminderen van de effecten van de hoge fosforconcentraties: de vorming van drijflagen. Meer informatie leest u in de Watersysteemanalyse die u rechts op deze pagina kunt downloaden.

Waterrecreatie

Rijnland heeft de taak om de waterkwaliteit op ruim 40 officiële zwemlocaties in het werkgebied op orde te brengen en houden. Dat geldt ook voor de twee officiële zwemwaterlocaties van het Oosterduinse Meer. Het water controleren we in het zwemseizoen (1 mei - 1 oktober) minimaal een keer in de twee weken op ziekteverwekkende bacteriën en blauwalgen. De provincie bepaalt op basis van onze informatie of de zwemwaterkwaliteit aan de gestelde eisen voldoet en geeft een zwemadvies. Klik rechts op deze pagina op Zwemwater en Pleziervaart voor meer informatie.