peilschaal

Tijd voor winterpeil

Op dit moment zijn we bezig met de overgang naar winterpeil. Dit betekent dat het waterpeil omlaag gaat. Het winterpeil wordt ieder jaar toegepast, omdat in de herfst en winter de verdamping meestal lager is dan de neerslag. Door een lager peil in te stellen, is er meer ruimte in de sloot om regenwater op te vangen en eventuele wateroverlast te beperken.

Dit jaar gaan we later dan normaal over op het winterpeil omdat door een lange droge zomer het grondwater erg laag stond. In overleg met agrariërs en onze watersysteembeheerders hebben we het het peil zo lang mogelijk hoger laten staan, zodat deze weer naar een normaal peil kon oplopen en het vee uit de sloten kon blijven drinken.

De operatie duurt een paar weken. Zo kunnen we de overgang naar een lager peil geleidelijk laten plaatsvinden. Daarnaast moeten we in alle poldergemalen de instellingen veranderen.

Waar­om ver­schil­len­de wa­ter­peil­stan­den?

Met het lagere peil in de sloten, kanalen en meren voorkomen we dat het grondwater door veel neerslag te hoog wordt. In het grote boezemstelsel, en in het grootste deel van de 750 peilgebieden, maakt Rijnland onderscheid tussen zomer- en winterpeil. Die peilen zijn vastgelegd in de zogeheten peilbesluiten. Het kunstmatige verschil in waterstand wordt voornamelijk toegepast in het landelijk gebied. In de stedelijke gebieden geldt over het algemeen het gehele jaar één vast peil.

Afhankelijk van de weersomstandigheden schakelt Rijnland in maart geleidelijk weer over op het zomerpeil.