BURAP 1 2018

Iedere bestuursrapportage is een toetsing van de voortgang van de Programmabegroting, uitgedrukt in concreet behaalde resultaten en de financiële gevolgen daarvan. De burap geeft antwoord op de volgende vragen: 1.Ligt Rijnland qua programmabegroting 2018 op koers en waar moet worden (bij)gestuurd? 2.In hoeverre is sprake van financiële wijzingen c.q. een begrotingswijziging?

Eerste bestuursrapportage 2018

Liggen we op koers?

Rijnland ligt al met al op koers om de afspraken en doelen uit de begroting 2018 te halen. Drie van de vijf programma's behoeven aandacht en zijn of worden bijgesteld om de (lange termijn)doelen te bereiken. Het realiseren van de lange termijndoelen en het op orde krijgen van de onderhoudsopgaven staan voor enkele programma's onder druk, iets dat nader uiteengezet is in de eveneens geagendeerde effect- en middelenmonitor 2017 en het meerjarenperspectief 2019-2022.

Met name van de organisatie en de medewerkers wordt momenteel veel gevraagd, onder meer door een grotere in-, uit- en doorstroom. Daarenboven moet de onderhoudsopgave op orde komen én voorbereidingen voor het werk van de komende jaren moeten worden opgepakt. Met name in de waterketen moet de organisatie met aanvullende maatregelen aan de slag om de gestelde zuiveringsresultaten dit jaar proberen te bereiken. Achterblijvende voorbereidingswerkzaamheden zijn er met name in de Waterketen, Schoon & Gezond Water en bij BOD. Baggerwerkzaamheden blijven achter door onder meer de pfos-kwestie, zonder dat dit vooralsnog op lange termijn significante gevolgen heeft. Meerdere lastig te vervullen vacatures bemoeilijken het halen van enkele afgesproken resultaten.

Onder de streep is sprake van een positief exploitatieresultaat. Dit vindt zijn oorsprong in incidentele bijstellingen, aantrekkende conjunctuur en per saldo diverse bijgestelde budgetten.

En passen de middelen binnen de begrotingskaders?

Ja. Per saldo verwacht Rijnland een exploitatie-overschot van € 3,7 mln ten opzichte van de begroting 2018.

  • Meevallers (-/- € 4,5 mln): - Per saldo minder kapitaallasten (-/- € 1,3 mln) door latere financiering (-/- € 0,7 mln) en latere afschrijvingskosten (-/- € 0,6 mln) dan begroot - Meer belastingopbrengsten door per saldo meer woningen e.d. (-/- € 0,6 mln) - Meer verkopen en bijbehorende boekwinsten gronden en terreinen (-/- € 1,0 mln) - Minder externe advies- en onderzoekskosten (-/- € 0,7 mln) - Diverse incidentele meevallers (o.a. afrekeningen met HHSK) (-/- € 0,3 mln) - Diverse uiteenlopende mutaties (-/- € 0,6 mln).
  • Tegenvallers (+/+ € 0,8 mln): - Hogere bijdrage HWBP (€ 0,4 mln) - Aanvullende maatregelen awzi‟s voor verbetering zuiveringsresultaten(€ 0,4 mln).

Investeringsprognoses

Rijnland verwacht over 2018 minder investeringsuitgaven uit te geven, met name voor baggerwerken. De voortgang van de belangrijkste investeringsprojectclusters staat per programma weergegeven.

Restrisico’s en toetsing

Mede ook door het geprognosticeerde exploitatieoverschot acht het college de bijgestelde exploitatiebegroting na deze burap voldoende robuust om mogelijke consequenties van de gedefinieerde rest-risico's te dekken. Aandachtspunten betreffen pfos-kwesties en enkele langdurige rechtszaken.

Meer lezen?

De bestuursrapportage is rechtsboven op deze pagina te downloaden.