Blauwe Diensten

Door het uitvoeren van Blauwe Diensten (ook wel waterbeheerdiensten) leveren agrariërs een belangrijke bijdrage aan het verbeteren van de waterkwaliteit en ecologie in poldersloten. De insteek van Blauwe Diensten is om samen met agrariërs te bepalen welke waterbeheerdiensten efficiënt en uitvoerbaar zijn. Met kleine beheermaatregelen krijgt een agrariër bijvoorbeeld een stevigere waterkant en meer leven in de sloot. De gebiedscollectieven spelen een belangrijke rol bij het uitvoeren van Blauwe Diensten.

Welke Blauwe Diensten zijn er allemaal?

1. Ecologisch baggeren

Bij ecologisch baggeren zuigt een baggerpomp vanuit het midden van de sloot bagger op. In het water levende diertjes en ondergedoken waterplanten blijven zo grotendeels bespaard. Een baggerspuit spuit direct de bagger op het aangrenzende perceel. De slootkant wordt zo ontzien van bagger waardoor nutriënten niet in de sloot terugvloeien. De nutriënten uit de bagger worden opgenomen door het gras, waardoor er efficiënter bemest kan worden.

2. Ecologisch schonen van slootkanten

Bij het maaien van de water- en oeverplanten mag het wortelstelsel niet worden beschadigd. Ook moet het uit de sloot gehaalde maaisel bovenop de kant worden gelegd. Het maaisel blijft liggen of wordt verwerkt. Deze Blauwe Dienst beperkt het terugvloeien van nutriënten naar het water en geeft een stevigere slootkant. Een goed resultaat bereikt een agrariër alleen als het overtollige plantmateriaal uit de sloot wordt gehaald.

3. Bufferstroken

Een agrariër houdt een aan de sloot grenzende strook van minstens 2 meter (bij grasland) of 3 meter (bij akkerland) vrij van mest- en gewasbeschermingsmiddelen. Hierdoor spoelen of waaien minder van deze stoffen het slootwater in. De biodiversiteit gaat er ook op vooruit. 

Samenwerking met 3 gebiedscollectieven

Rijnland heeft met 3 gebiedscollectieven afspraken gemaakt over het uitvoeren van Blauwe Diensten. Dit zijn De Groene Klaver, Vereniging Agrarisch Natuurbeheer Rijn & Gouwe Wiericke en Gebiedscooperatie Noord-Holland Zuid. De gebiedscollectieven zijn voor agrariërs het eerste aanspreekpunt voor:

 

  • Het inwinnen van advies over Blauwe Diensten
  • Het maken van afspraken over het uitvoeren en evalueren van Blauwe Diensten
  • Subsidie en financiële vergoedingen en andere organisatorische zaken

 

Rijnland financiert 50% van de uitgevoerde Blauwe Diensten. De overige 50% komt vanuit het Plattelands Ontwikkeling Programma, 3e periode (POP3).