15. Kabels en leidingen

U vindt hier informatie over de regels voor kabels en leidingen. Doe ook altijd de vergunningencheck, zodat u weet of er nog andere regels gelden voor uw werkzaamheden .

Vergunningencheck: een hulpmiddel om te bepalen welke regels voor u gelden  

 De vergunningencheck maakt de Uitvoeringsregels voor werkzaamheden in en bij water en dijken voor u inzichtelijk. Na de check weet u welke Uitvoeringsregels voor u gelden. Ook weet u of u een vergunning of maatwerk moet aanvragen, een melding moet doen of zo aan de slag mag. Rijnland heeft 25 Uitvoeringsregels. Het kan goed zijn dat uw werk aan meerdere regels moet voldoen.

Voor de Uitvoeringsregel over Kabels en leidingen kan de vergunningencheck deze uitkomsten geven:

Zorgplicht: zelf weten hoe u een werk uitvoert, zolang u maar zorgvuldig werkt

De uitkomst van de vergunningencheck is dat u moet voldoen aan de zorgplicht. U hoeft geen melding te doen of een watervergunning aan te vragen. U kunt direct aan de slag. 

Zorgplicht betekent dat u zorgvuldig werkt en schade aan het watersysteem voorkomt. Voor kabels en leidingen betekent zorgplicht dat de aanwezigheid van een kabel of leiding het onderhoud van een watergang of de zeewering niet mag belemmeren.

Meld uw werk wel bij https://www.verbeterdekaart.nl. Hier kunt u wijzigingen doorgeven voor de landelijke grootschalige topografische kaart (de BGT). Het is belangrijk deze  topografische kaart van Nederland actueel blijft. Ook Rijnland maakt gebruik van deze kaart.

Erkende maatregel: altijd goedgekeurde werkwijze die voldoet aan de zorgplicht

Wanneer de zorgplicht voor u onvoldoende zekerheid biedt, dan kunt u kiezen om volgens de erkende maatregel te werken. Dan weet u zeker dat u aan de zorgplicht voldoet. U bent echter niet verplicht om de erkende maatregel op te volgen, u mag ook op andere wijze aan de zorgplicht voldoen.  De erkende maatregel staat hieronder, maar ook in de Uitvoeringsregel die u rechts op de pagina kunt downloaden.

Erkende maatregel voor het kruisen van een watergang

  • kruis een hoofdwatergang op minimaal 2 meter beneden de ingreepmaat (minimaal vereiste waterdiepte ten opzichte van het schouwpeil).
  • kruis een overige watergang op minimaal 1,30 meter beneden de ingreepmaat.
  • als de kabel of leiding is voorzien van bescherming, kruis een watergang dan op minimaal 50 centimeter beneden de ingreepmaat. Denk bij bescherming aan een mantelbuis of  een plaat/blokkenmat op de waterbodem.

Erkende maatregel voor haaks kruisen van een watergang door een dam met duiker

  • leg de kabel of leiding onder de duiker aan. Dit vermindert de onderhoudskosten voor de duiker.

Erkende maatregel voor parallel aan een watergang aanleggen

  • leg de kabel of leiding minstens 1 meter van de insteek van de watergang (horizontaal gemeten) aan.

De Algemene regel: geeft de voorwaarden voor uw werk

De uitkomst van de vergunningencheck is dat u moet voldoen aan de onderstaande voorwaarden uit de Algemene regel voor kabels en leidingen. Deze voorwaarden staan ook in de Uitvoeringsregel die u rechts op de pagina kunt downloaden.

Voorwaarden voor nieuwe kabels, leidingen en mantelbuizen in de kern- en/of beschermingszone

  1. leidingen en mantelbuizen moeten zijn vervaardigd van minimaal PE 100 SDR 11
  2. leg de kabels, leidingen huisaansluiting en/of mantelbuizen door middel van een van de volgende methoden aan:
    1. een open ontgraving in de vorm van (tijdelijke) sleuven
    2. een ondiepe, tot maximaal 2,5 meter boven de basis van het basisveen uitgevoerde, gestuurde boring met in- en uittredepunten buiten de kern- en beschermingszone van de waterkering
    3. het doorvoeren van kabels door bestaande mantelbuizen, mits deze mantelbuizen voldoen aan NEN 3650 en 3651.

Voorwaarden voor overige nieuwe kabels,leidingen en mantelbuizen in de buitenbeschermingszone

  1. Maak leidingen en mantelbuizen van minimaal PE 100 SDR 11.
  2. Voer de werkzaamheden uit volgens NEN 3650 en NEN 3651.

Voorwaarden voor graven van tijdelijke sleuven

  1. De sleuf is maximaal vijf aaneengesloten dagen open.
  2. De sleuf wordt na afloop van de werkzaamheden aangevuld met vergelijkbaar materiaal als waaruit de waterkering bestaat.
  3. De maximale diepte van de sleuf is 0,80 meter.
  4. De maximale breedte van de sleuf is 0,50 meter.
  5. Het horizontale deel van de waterkering is minimaal 4 meter.
  6. Er ontstaat geen kortsluiting of verbinding met hoger gelegen water. De afstand van de sleuf tot het hoger gelegen water is minimaal 2 meter.

Voorwaarden voor renoveren en vervangen

Bij renoveren of vervangen van bestaande kabels, of leidingen en/of mantelbuizen in de kern- en/of beschermingszone moet u voldoen aan NEN 3650 en 3651.

Maatwerk: afwijken van de Algemene regel

De uitkomst van de vergunningencheck is dat u moet voldoen aan de Algemene regel en dat u een maatwerk moet aanvragen via het omgevingsloket. Kies in het omgevingsloket het aanvraagformulier voor een watervergunning, want er is geen apart formulier voor maatwerk beschikbaar. U kunt een maatwerk aanvragen voor een andere werkwijze van aanleggen, als de stabiliteit en waterkerendheid van de waterkering in zowel de aanlegfase als de beheerfase niet in gevaar komt.

Watervergunning aanvragen

De uitkomst van de vergunningencheck is dat u een watervergunning moet aanvragen via het omgevingsloket. Rijnland verleent de watervergunning en toetst uw aanvraag aan de Beleidsregel Kabels en leidngen. Deze Beleidsregel staat in de Uitvoeringsregel die u rechts op de pagina kunt downloaden. Lees ook: Wat gebeurt er met mijn aanvraag.

De Uitvoeringsregels zijn vastgelegd in de Keur van Rijnland.

De Keur is een juridisch document (verordening).  Bij de Keur horen de Uitvoeringsregels. Hierin staan de voorwaarden voor allerlei werkzaamheden die bewoners en bedrijven willen uitvoeren bij water en dijken. Lees meer op de pagina Keur en Uitvoeringsregels.