Fig.10_A-2862 uitsnede

Het Haarlemmermeer

Het Haarlemmermeer vormde een groot binnenmeer in het hart van Rijnland. In de middeleeuwen waren dit afzonderlijke meren geweest, waaronder het Spieringmeer, het Oude Haarlemmermeer en het Leidse Meer. Langs de randen van deze meren vond veel vervening plaats, waarbij landerijen werden afgegraven.

De Waterwolf

Wanneer het grondwaterniveau werd bereikt vulden deze uitgeveende gebieden zich op met water en vormden zij een makkelijke prooi voor het meer. Vooral langs de (zuid-)oostkant van het meer vond veel oeverafslag plaats, vanwege de overwegend uit het (noord-)westen waaiende wind, waarbij steeds meer land werd weggeslagen. In de 15de en 16de eeuw ontstonden open verbindingen tussen de meren: het Haarlemmermeer was een feit. Na de totstandkoming van het meer was het niet gedaan met de oeverafslag. Het kreeg zelfs de toepasselijke bijnaam, de Waterwolf. Omliggende landen en dorpen (zoals Nieuwerkerk en Rietwijk) werden verzwolgen door het meer.

Figuur 9: Afbeeldinge van Rhynlands waterstaat ten opzigte van 't vergrooten der Haarlemmer of Leydse meer met de byna gecombineerde en omleggende veenplassen, vervaardigd door Melchior Bolstra, 1740 (bijgewerkt tot circa 1773).

NL-LdnHHR, Collectie kaarten, A-0932.

Fig.9_A-0932

Lange tijd bleef het een zorgenkindje voor het Rijnlandse bestuur. Op allerlei manieren werd geprobeerd om de afkalving van het land tegen te gaan. Regelmatig werd de oeverafslag in kaart gebracht, waarbij het verloop van de toenmalige oevers werd vergeleken met eerdere metingen. De Rijnlandse landmeters dienden plannen in om de oevers te versterken, door het aanleggen van dijken en paalwerken. Deze plannen werden voorzien van ontwerp- en situatietekeningen.

Figuur 10: Een gedeelte van den Meerdijk van het werk No. 35 onder Houtrijk, gelegen vóór het smalste deel des Rotten polders, vervaardigd door Jan Kros, 1840.

NL-LdnHHR, Collectie kaarten, A-2862.

Fig.10_A-2862

Haarlemmermeer droogmaken

In 1610 werd het eerste plan ingediend om het Haarlemmermeer droog te maken. Daarna zouden velen proberen om het Rijnlandse bestuur en de omliggende steden over te halen. Om deze ontwerpen te ondersteunen werden prachtige plankaarten ingediend, waarop werd aangegeven hoe de droogmaking, het aanleggen van de ringdijk en de uiteindelijke verkaveling zouden plaatsvinden. Helaas mocht het niet baten. Het meer mocht dan veel ravage aanrichten, maar voor steden als Haarlem en Leiden was het meer van economisch belang voor de visserij en de binnenvaart. Daarbij zou Rijnland door de droogmaking van het meer ongeveer 80% aan waterbergingscapaciteit verliezen.

Grootste polder van Rijnland

Pas in 1839 werd bij Koninklijk Besluit besloten om het meer droog te leggen. Een jaar later werd begonnen met het graven van de Ringvaart bij Hillegom. Daarna werd het meer leeggepompt door drie stoomgemalen: de Leeghwater, de Cruquius en de Lynden. In 1852 was het werk afgerond. De Haarlemmermeerpolder vormt sindsdien de grootste polder binnen het beheergebied van Rijnland. Van de droogmaking zelf zijn verschillende kaarten en tekeningen achtergebleven. Denk bijvoorbeeld aan de ontwerpen voor het graven van de Ringvaart, de indeling van de polder, de bouwtekeningen van de stoomgemalen en ontwerptekeningen van het polderhuis, de zetel van het polderbestuur. Het is geen wonder dat het Haarlemmermeer en de polder (met recht) zijn oververtegenwoordigd in de Rijnlandse kaartencollectie.

Fig.11_B-2022

Figuur 11: Overzichtskaart van den Haarlemmermeerpolder, circa 1882-1883.
NL-LdnHHR, Collectie kaarten, B-2022.