Strandbebouwing
De zeespiegel stijgt door klimaatverandering en dat levert op termijn gevaar op voor de sterkte van de duinen. En dus voor de veiligheid van West-Nederland. De zeewering (het duin) groeit bij de badplaatsen niet hard genoeg mee met de stijgende zeespiegel. Bebouwing op het strand belemmert dat zand bij de zeewering komt en aangroeit. Daarom stelt Rijnland nieuwe regels op voor strandbebouwing op het strand.
Regels over bouwen op het strand
De kern van de nieuwe regels is dat er een zone komt waarin bebouwing, bestrating, of een weg verboden is. Dit is de zone waarin het duin aan moet kunnen groeien, de zogenaamde zone van duinaangroei. Bestaande seizoensbebouwing moet buiten deze zone richting zee worden verplaatst.

Waarom nieuwe regels? Rekening houden met 2 meter zeespiegelstijging
Met het oog op klimaatverandering, waaronder zeespiegelstijging, en de onvoorspelbaarheid van de langetermijneffecten is het nodig om langs de hele kust te zorgen voor duinaangroei. Hiermee borgen we de waterveiligheid, zoals ook staat in de recent vastgestelde Kustnota. Om dat mogelijk te maken, stelt Rijnland nieuwe regels op voor strandbebouwing op het strand. In deze regels wordt bepaald waar meer ruimte nodig is en om hoeveel ruimte het gaat. We leggen dit vast in nieuwe regels voor strandbebouwing in de Rijnlandse Waterschapsverordening (2025).
- Om te bepalen hoeveel extra ruimte de zeewering nodig heeft, houden we rekening met een zeespiegelstijging van 2 meter, die op basis van de huidige klimaatscenario’s eind 22e eeuw wordt verwacht.
- De verwachting is dat na 2070 de zeespiegel versneld zal stijgen. Dan is er minder tijd om gebruik te maken van natuurlijke processen om de zeewering te laten aangroeien. Bovendien is onzeker welke zandtransporten bij de dan aanwezige zeespiegel gaan optreden en of er dan nog genoeg duinaangroei zal zijn.
- Ondanks de onzekerheden waar we mee te maken hebben, gaan we nu al op basis van de kennis en inzichten van nu handelen. We kiezen er voor om in de komende 50 jaar (tot 2070) zodanig de ruimte te geven aan duinaangroei dat de zeewering rond 2070 in staat is een zeespiegelstijging van twee meter op te vangen.
Meer weten?
Bovenstaande komt uit de Rijnlandse notitie "Nut en noodzaak versterking zeewering Bloemendaal - Wassenaar". Deze notitie kun je opvragen door een e-mail te sturen naar strandbebouwing@rijnland.net.
Wat betekent dit voor paviljoenhouders?
Per badplaats en per strandpaviljoen rekent Rijnland uit hoeveel ruimte er nodig is voor aangroei van de duinen. Dit heeft gevolgen voor eventuele strandbebouwing. Het aantal meters dat de bebouwing zeewaarts moet worden, varieert per locatie.
Planning
Omdat elk stuk strand specifiek maatwerk vraagt, kunnen we geen standaardplanning geven. Het strand is opgedeeld in ‘strekkingen’. Per strekking treden wij eerst in overleg met de betrokkenen over de breedte van de zone van duinaangroei. We bespreken de benodigde zeewaartse verplaatsing en het tijdspad. Dit proces gaat als volgt:
Proces
Gesprekken aan hand van concept-kaarten
Rijnland gaat in gesprek met betrokkenen (gemeente, eigenaren en pachters van strandbebouwing en Rijkswaterstaat) over de breedte van de zone van duinaangroei (aan de hand van concept-kaarten) en het moment van inwerkingtreding van deze zone. Dit is maatwerk.
Vaststelling kaarten met zone van duinaangroei
Op basis van het overleg stelt het dagelijks bestuur van het waterschap de kaarten in concept vast.
Mogelijkheid tot zienswijze
Het is mogelijk om een zienswijze in te dienen bij het waterschap op de in vastgestelde conceptkaarten.
Vastellen definitieve kaarten
Na de zienswijzefase doen wij mogelijk aanpassingen aan de kaart. Daarna stellen we de kaart definitief vast, en de hiermee ook de breedte van zone van duinaangroei. Bij de vaststelling wordt ook bepaald vanaf welk moment de kaarten in werking treden.
Verplaatsen strandbebouwing
We verwachten dat vanaf 2026 binnen de eerste strekkingen strandbebouwing wordt verplaatst. In de jaren daarna wordt gefaseerd verplaatst. Dit verschilt per locatie.
Het resultaat van dit proces is een kaart per strekking, die Rijnland in overleg met de betrokkenen vaststelt. Op deze kaart staat de zone waar niet gebouwd mag worden precies ingetekend. Daarnaast is duidelijk op hoeveel compensatie de betrokkene recht heeft, en hoe die kan worden aangevraagd.
Updates proces strandbebouwing
Op 18 november 2025 heeft het dagelijks bestuur van Rijnland de kaarten voor de zone van duinaangroei in Wassenaar definitief vastgesteld. De zone van duinaangroei is het gebied waar geen bebouwing mag staan, zodat de duinen voldoende ruimte krijgen om aan te groeien en sterk te blijven. De kaarten die nu zijn vastgesteld gaan over de Wassenaarse kust. De regels die hierbij horen treden voor Wassenaar op 1 januari 2026 officieel in werking. In Wassenaar zijn de strandpaviljoens echter in 2025 al vrijwillig zeewaarts verplaatst, nog voordat de nieuwe regels officieel van kracht zijn geworden. Het ging om een verplaatsing van circa 5 tot 6 meter richting zee.
Afbeeldingen zone van duinaangroei in Wassenaar



De kern van de nieuwe regels is dat er een zone komt waarin bebouwing, bestrating, of een weg verboden is. Dit is de zone waarin het duin aan moet kunnen groeien, de zogenaamde zone van duinaangroei. Bestaande seizoensbebouwing moet buiten deze zone richting zee worden verplaatst.

Op deze afbeelding ziet u hoe dit eruit kan gaan zien. Dit is een voorbeeld en nog geen echte uitwerking van de regels. Als de regels zijn vastgesteld maken we kaarten waarin de zones van duinaangroei worden vastgesteld.
Voorbeeldkaart zone duinaangroei
- De gele lijn is het huidige hekwerk.
- De paarse lijn is de nieuwe duinvoet.
- Het gebied tussen de gele en paarse lijn is de zone van duinaangroei. In deze zone mag niet worden gebouwd, of bestraat.
Van 9 augustus tot en met 20 september 2024 lag het voorstel voor de nieuwe regels voor strandbebouwing ter inzage. Onder het kopje Toelichting nieuwe regels strandbebouwing onder dit bericht vindt u een korte toelichting op de nieuwe regels.
Het voorstel voor de nieuwe regels strandbebouwing (gepubliceerd in het Waterschapsblad).
In het afgelopen jaar hebben wij met betrokken kustgemeenten, Rijkswaterstaat en vertegenwoordigers van paviljoenhouders overleg gehad over het beleid voor seizoenstrandbebouwing en het als gevolg daarvan mogelijk verplaatsen van de strandbebouwing.
Er zijn er berekeningen gemaakt die per strekking (= een deel van het strand) aangeven welke zeewaartse verplaatsing van strandbebouwing vanuit oogpunt van kustveiligheid nodig is. Daarnaast is een begin gemaakt met het opstellen van nieuwe regels voor strandbebouwing. In de regels wordt bepaald waar meer ruimte nodig is, hoeveel ruimte nodig is en wat dit betekent voor aanwezige strandbebouwing.
Op basis daarvan is er in juli 2023 een bestuurlijk overleg geweest, waarbij ook vertegenwoordigers van eigenaren van strandbebouwing aan tafel zaten. Eind dit jaar volgt een nieuw bestuurlijk overleg. Er is begrip getoond door gemeenten en eigenaren om vanuit het kustveiligheid oogpunt seizoenbebouwing zeewaarts te verplaatsen.
Er is afgesproken dat Rijnland eerst met de gemeenten en Rijkswaterstaat verder afstemt over het beleid voor strandbebouwing. Dit is nodig aangezien er ook aanpassingen nodig zijn in gemeentelijke regelgeving, zoals omgevingsplannen, omgevingsvergunningen en huurovereenkomsten, en mogelijke fysieke aanpassingen van strandopgangen nodig zijn. En met Rijkswaterstaat omdat zij het hoogst bevoegde gezag zijn aan de kust. Daarna gaan we in gesprek met eigenaren van strandbebouwing over de zeewaartse verplaatsing.
Meer informatie
Kernteam strandbebouwing
- E-mailadres
- strandbebouwing@rijnland.net
- Telefoonnummer
- 071-3063535
Heb je vragen of wil je meer informatie? Neem dan contact op met het kernteam strandbebouwing van Rijnland
Veelgestelde vragen
Hieronder vind je antwoorden op veelgestelde vragen en lees je waarom dit nieuwe beleid voor strandbebouwing nodig is.
Voor eigenaren van strandbebouwing
Op dit moment zijn er nog geen gevolgen. Het opstellen van nieuwe regels voor strandbebouwing kan gevolgen hebben als je eigenaar bent van een seizoenpaviljoen. Een deel van de strandbebouwing wordt zeewaarts verplaatst. Wat de gevolgen precies zijn, is nu nog niet te zeggen. Wij betrekken eigenaren bij het opstellen van de regels.
De nieuwe regels van Rijnland voor strandbebouwing kunnen er toe leiden dat een paviljoen (of andere strandbebouwing) zeewaarts verplaatst moet worden. Het exacte aantal meters wordt nu berekend, waarbij we rekening houden met klimaatverandering en zeespiegelstijging.
Verplaatsing van strandbebouwing vindt gefaseerd plaats. Uiteraard brengen we u op de hoogte van de planning en betrekken we eigenaren/pachters hierbij. De verwachting is dat vanaf 2026 gefaseerd strandbebouwing zeewaarts verplaatst wordt, maar zeker is dat nog niet.
Wij berekenen of het duin voldoende meegroeit. Het is nodig om nu ruimte te maken voor duinaangroei, om toekomstige zeespiegelstijging op te vangen. Hoe eerder we daarmee beginnen hoe meer zekerheid er is om de sterkere stijging van de zeespiegel in de tweede helft van de 21e eeuw opgevangen kan worden.
Waarschijnlijk niet. De nieuwe regels moeten zorgen voor voldoende ruimte voor aangroei van het duin. Als uit Rijnlandse berekeningen blijkt dat er voldoende ruimte is tussen het huidige hek en het paviljoen, kan mogelijk verplaatsing van het hek volstaan.
Het doel is om meer ruimte te creëren voor de duinen. Dat betekent dat aan de landzijde van het paviljoen voldoende ruimte moet zijn voor duinaangroei. Die ruimte moet dus vrij zijn van alle obstakels/exploitatie of verharding.
Er blijft altijd strand over. Hoe breed dat zal zijn, is afhankelijk van stormen, zeestromingen en natuurlijke dynamiek. Rijkswaterstaat zorgt via zandsuppleties voor het op zijn plek houden van de zogenaamde basiskustlijn.
Wij hebben contact met de vertegenwoordigers van de eigenaren van strandbebouwing van alle kustgemeenten. Ook gaan wij, zodra er meer bekend is, via meerdere communicatiekanalen informatie verstrekken. Uiteraard is het mogelijk om bij vragen contact met ons op te nemen via telefoonnummer 071-3063535 of per e-mail: strandbebouwing@rijnland.net
Bij de fasering van de verplaatsing van strandbebouwing houden we hier rekening mee. We betrekken bij de verplaatsing ook alle kustgemeenten. De verlegging van kabels en dergelijke is overigens wel de verantwoordelijkheid van de paviljoenhouder/gemeente.
Als je nu opbouwt op de oude plek dan is dat geen probleem. Vanaf het moment dat de nieuwe regels van Rijnland in werking zijn getreden en er afspraken zijn gemaakt over verplaatsing van strandbebouwing handhaaft Rijnland hierop.
Ja in principe wel. Al wijst Rijnland de gemeenten daar ook actief op.
De kosten voor het verplaatsen van strandbebouwing voor paviljoenhouders komen, zoals dat altijd het geval is geweest, voor rekening van de eigenaar. Er kan wel een beroep worden gedaan op de zogenaamde nadeelcompensatie. Rijnland helpt bij het aanvragen van deze compensatie.
Binnen Rijnland is er veel kennis beschikbaar over de specifieke situatie per locatie langs de kust.
Jaarrondbebouwing vergt een andere aanpak en wordt daarom op een later moment opgepakt. Voor jaarrondpaviljoens zal voor 2030 een apart traject worden gestart. Nieuwe aanvragen voor jaarrondpaviljoens worden afgehandeld in de geest van regels voor seizoensgebonden strandbebouwing.
Bij een zandsuppletie spuit Rijkswaterstaat extra zand op het strand of op de zeebodem vlak voor de kust. Deze zandsuppleties zijn bedoeld om de kustlijn in stand te houden. Ze zorgen ervoor dat met eb en vloed de duinen niet worden aangetast. Het verhogen en versterken van de duinen doen we zodat we voorbereid te zijn op extremere weersomstandigheden en een stijgende zeespiegel.
Waarom is nieuw beleid voor strandbebouwing nodig?
Bij badplaatsen blijkt dat de aangroei van de zeewering met zand klein is of zelfs geheel ontbreekt. Bebouwing op het strand blokkeert het zand. Om de zeewering sterk te houden is zand aangroei wel noodzakelijk.
We moeten juist nu zorgen voor aangroei, zodat er ook op termijn geen veiligheidsopgave ontstaat. Ook zorgen we er zo voor dat we in de toekomst meerdere opties hebben om de waterveiligheid te garanderen.
De gevolgen specifiek voor Katwijk en Noordwijk zijn nu nog niet bekend. Ter plekke van de kustversterkingen met een dijk-in-duin is de kust zeewaarts uitgebouwd; hier is het extra aangroei van de duinen geen doel op zich, omdat de kust daar ook sterker erodeert. Wel zorgen we er voor dat het duin op/voor de dijk in ieder geval de hoogte in kan groeien.
We betrekken de kustgemeenten bij het nieuwe beleid van Rijnland. Daarvoor zijn twee redenen: ten eerste moet ook gemeentelijk beleid waarschijnlijk worden aangepast (denk aan bestemmingsplannen). Ten tweede kijken we of er vanuit de gemeenten plannen zijn voor de kust, om integraal samen op te pakken (denk aan herinrichting van een boulevard).
Het beleid van Rijnland wordt afgestemd met Rijkswaterstaat. Immers, zij zijn ervoor verantwoordelijk de kust (het strand) op zijn plaats te houden.