Waldo-meervallenonderzoek

Meervalonderzoek Rijnland

Populatie groeit en zwerft uit over Rijnlands boezem

De Europese meerval (Silurus glanis) was tot zo’n 25 jaar geleden zo goed als uitgestorven in Nederland. Enkel in de Westeinderplassen en de Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder werden ze zo nu en dan nog aangetroffen. Dat was in 2012 en 2013 aanleiding voor Rijnland om, samen met de onderzoeksafdeling van Sportvisserij Nederland en lokale beroepsvisser Theo Rekelhof, gericht onderzoek te doen naar de meervallen van de Westeinderplassen. De laatste jaren kwamen er steeds vaker signalen dat de meervalpopulatie van de Westeinderplassen in omvang zou zijn gegroeid en dat deze zich verder zou hebben verspreid over de Rijnlandse boezem. Omdat de meerval de grootste Nederlandse roofvis is, met effecten op de totale visstand, is in 2022 een vervolg onderzoek uitgevoerd.

Onderzoek 2012/2013

Het onderzoek in 2012/2013 richtte zich vooral op het gedrag en het leefgebied van de meerval. Door meervallen te vangen en te voorzien van zogenoemde transponders kon het zwemgedrag en habitatgebruik van deze exemplaren met ontvangstbakens minutieus worden gevolgd. Deze studie toonde onder meer het belang van de “rietzudden” bij Burgerveen aan. Iets waar we met de lopende KRW3 maatregelen rekening mee houden.

Ook werden de meervallen, door gekwalificeerde medewerkers van Sportvisserij Nederland, voorzien van een PIT-tag (Passive Integrated Transponder). Deze merkjes bevatten informatie waardoor de meervallen individueel herkenbaar zijn. Op basis van de verhouding tussen het aantal gemerkte en niet-gemerkte exemplaren die later zijn gevangen kon vervolgens een schatting gemaakt worden van de omvang van de meervalpopulatie in de Westeinderplassen. De omvang werd geschat op ca 750 exemplaren.

Dit meervalonderzoek levert belangrijke informatie op over het effect van ons werk. Die kennis nemen we mee in onze plannen voor de toekomst.
- Hoogheemraad Waldo von Faber

Onderzoek 2022

Het onderzoek dit jaar richtte zich op de omvang van de meervalpopulatie en de verspreiding over de boezem. Door Theo Rekelhof zijn in de periode van half mei tot eind augustus meervallen gevangen met fuiken en repen. De gevangen vissen werden gemeten, gewogen en voorzien van PIT-tags. Ook werd DNA afgenomen voor vervolg onderzoek. Net als in het eerdere onderzoek kon zo de omvang geschat worden. Gedurende de onderzoeksperiode zijn in totaal 444 unieke meervallen tussen de 7 en 154 cm lengte gevangen, waarbij het zwaarste exemplaar 25 kilogram woog. Bij 429 exemplaren is een PIT-tag ingebracht en 28 daarvan zijn minimaal één keer teruggevangen. Het totaal aantal meervallen in de Westeinderplassen dat groter is dan 25 cm wordt in 2022 geschat op ruim 3.200 exemplaren. Dit zijn er ruim vier keer zoveel als tien jaar geleden. De populatie is dus flink in omvang toegenomen.

Grafiek lengte-frequentieverdeling meerval Westeinderplassen

Bijzonder is de vangst van vier meervallen die in 2012 en 2013 al waren voorzien van een PIT-tag. Drie van deze meervallen hadden toen een lengte van zo’n 35 cm en zijn deze zomer op een lengte van boven de 100 cm teruggevangen. Een gemiddelde groei van circa 7 cm en bijna 800 gram per jaar. Dit is fors lager dan in de warmere, Zuid-Europese en West-Aziatische landen waar 10 tot 20 cm per jaar normaal is.

Om de verspreiding over de boezem in beeld te brengen zijn door Sportvisserij Nederland zoveel mogelijk meldingen van meervalvangsten verzameld. Na oproepen aan sportvissers zijn via www.meervalmeldpunt.nl 107 vangstmeldingen uit ons gebied binnengekomen. Ook de sportviscommunity MijnVISmaat leverde 64 vangsten op. En ook beroepsvisser Sjors van Veen heeft dit jaar honderden meervallen van 15 tot 120 cm als bijvangst gevangen, genoteerd en doorgegeven. Dankzij al deze gegevens is duidelijk geworden dat de meerval niet enkel meer in de Westeinderplassen en aangrenzende Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder voorkomt.

heatmap-meervalonderzoek

De meerval heeft zich de afgelopen tien jaar verder verspreid over de boezemwateren in Rijnland: in de Braassemermeer, Kagerplassen en het zuidelijk deel van de Ringvaart wordt veelvuldig meerval aangetroffen. Verder duiken ook bij Haarlem (Molenplas), Amsterdam (Nieuwe Meer), Alphen aan den Rijn en Leiden steeds vaker meervallen op. Opvallend is dat in de Ringvaart tussen Oude Wetering en Lisse zeer veel kleine exemplaren van 15-25 cm worden aangetroffen.

Vervolg

De hamvraag is of de verspreiding over de boezem van Rijnland komt vanuit de Westeinder-populatie of dat meervallen van elders het gebied zijn binnengekomen. Bijvoorbeeld via Gouda. Om deze vraag te kunnen beantwoorden is DNA-onderzoek nodig. Vooruitlopend hierop is bij 73 meervallen van de Westeinderplassen via een kleine vin-knip wat weefsel afgenomen zodat kan worden onderzocht hoe uniek de “Westeinder en Rijnland-populatie’” nog is.

Waldo en Theo met meerval

Foto: Theo Rekelhof en Waldo von Faber met een meerval

Waldo von Faber is hoogheemraad bij Rijnland en zelf ook sportvisser. Hij is blij om te zien dat het aantal meervallen in het gebied van zijn hoogheemraadschap toeneemt. “Het is een fantastische sportvis en bovendien gaat het hier om een unieke populatie.” Over de samenwerking met Sportvisserij Nederland en beroepsvisser Rekelhof is hij zeer te spreken: “De vangstmeldingen laten de betrokkenheid van onze sportvissers en inwoners duidelijk zien.” Rijnland werkt samen met verschillende organisaties – zoals stichting De Bovenlanden en Landschap NH – al jaren aan de verbetering van de waterkwaliteit en legt onder meer natuurvriendelijke oevers aan. Von Faber: “Dit meervalonderzoek levert belangrijke informatie op over het effect van ons werk. Die kennis nemen we mee in onze plannen voor de toekomst.”