bollenteelt

Teeltvrije zone bollen en akkerbouw

De teeltvrije zone is een strook grond langs de sloot die niet wordt bemest of bespoten met gewasbeschermingsmiddelen. Deze strook loopt van de insteek van de sloot tot het hart van de buitenste plantenrij.

Waarom is een teeltvrije zone noodzakelijk?

De teeltvrije zone heeft als doel om de drift van gewasbeschermingsmiddelen naar de sloot zoveel mogelijk te beperken. Daarnaast zorgt de zone ervoor dat er minder uit- en afspoeling naar de sloot plaatsvindt. Bij toepassing van meststoffen voorkomt de zone dat de sloten worden mee bemest.

Een recent uitgevoerde pilot laat zien dat drift een belangrijke emissieroute is van gewasbeschermingsmiddelen in de sloot. Een voldoende brede teeltvrije zone helpt in het voorkomen van deze emissie.

Bepalen breedte teeltvrije zone

De teeltvrije zone wordt gemeten vanaf de insteek van de sloot en strekt zich uit tot het hart van de buitenste planten van de te telen landbouwgewassen. De insteek is het punt waar de schuine oever (talud) overgaat in het horizontale maaiveld (zie rechtopstaande pilonstok foto).

Teeltvrije zone bollen en akkerbouw

Hoe zat het ook alweer?

De breedte van de teeltvrije zone varieert en wordt onder andere bepaald door:

  • gebruikte spuitapparatuur en -doppen (DRT-/DRD-lijsten);
  • intensiteit van bespuiten;
  • opwaartse of neerwaartse bespuiting;
  • aanwezigheid van vanggewassen of emissieschermen.
Teeltvrije zones gewassen neerwaarts spuiten
Soort teelt Driftreductie ≥ Teeltvrije zone ≥ (bij gras- en braakliggend land (geen teelt): spuitvrije zone)
Intensief bespoten gewassen (aardappelen, uien, bloembollen en bloemknollen, aardbeien, asperges, prei, schorseneren, sla, wortelen, vaste planten en boomkwekerijgewassen 75%90% 150 cm100 cm
Overige gewassen (zoals, suikerbieten, granen, witlofpennen, spruitkool, erwten, groenbemesters, mais en grasland) 75% 50 cm
Braakliggend land 75% 50 cm
Biologische teelt 75% 0 cm

Voor het halen van de driftreductie is niet alleen de spuitdruk relevant, maar ook de volgende regels:

  • spuitdophoogte maximaal 50 cm;
  • buitenste in gebruik zijnde spuitdop is een kantdop;
  • windsnelheid maximaal 5 m/s;
  • rijsnelheid maximaal 8 km/uur.

Drukregistratievoorziening

Sinds 1 januari 2019 is het gebruik van een drukregistratievoorziening (DRV) verplicht bij het gebruik van veldspuitapparatuur. Deze verplichting geldt alleen als u spuitdoppen gebruikt, die gebruikt mogen worden met een druk tussen 2 en 3 bar.

Als alternatief voor de DRV kunt u de teeltvrije zone verdubbelen. Gebruikt u spuitdoppen die toegepast mogen worden met een spuitdruk hoger dan 3 bar, dan is de DRV / verdubbeling teeltvrije zone niet verplicht.

Strengste voorschrift leidend:

Op grond van het Wettelijk Gebruiksvoorschrift (WG) van steeds meer gewasbeschermingsmiddelen is een hogere driftreductie en soms ook een bredere teeltvrije zone verplicht, dan volgens de voorschriften van het Activiteitenbesluit milieubeheer, dan wel het Besluit activiteiten leefomgeving. Zo is bijvoorbeeld bij het gebruik van het middel Stomp een teeltvrije zone van 1,5 meter vereist bij een driftreductie van tenminste 90%. Nog een voorbeeld is dat het niet is toegestaan een middel te spuiten waarop op het etiket 90% driftreductie wordt vereist met apparatuur die slechts een 75% driftreductie behaalt. Op het etiket kunnen dus aanvullende eisen staan ten aanzien van de driftreductie.

Hier geldt de stelregel dat het strengste voorschrift leidend is!

Bespuitingen op talud en in teeltvrije zone

Binnen de teeltvrije zone mogen gewasbeschermingsmiddelen alleen als volgt worden toegepast:

  1. Bespuiting van overhangend loof van maximaal een halve breedte van gewasrij en/of
  2. Pleksgewijze onkruidbestrijding met afgeschermde spuitdop.

Op het talud van een sloot mag geen enkel gewasbeschermingsmiddel worden toegepast! In geen enkel WG is genoemd dat betreffend gewasbeschermingsmiddel op een sloottalud mag worden toegepast (ook niet met strijkstok).

Ook hier geldt het strengste voorschrift is leidend.

Meer informatie over driftreductie vindt u op:

Gebruik meststoffen

De teelt/mestvrije zone mag niet worden bemest. Hierdoor wordt uit- en afspoeling van meststoffen naar de sloot beperkt. Bij gebruik van korrel- of poedervormige meststoffen is het gebruik van een kantstrooivoorziening verplicht om mee bemesten van de sloot te voorkomen. Bij gebruik van bladmeststoffen in de strook gelegen naast de teeltvrije zone zijn ook driftbeperkende maatregelen, zoals driftarme doppen, de windsnelheid waarbij gespoten mag worden en de spuitboomhoogte van toepassing.

Rijnlanders zijn herkenbaar tijdens de controle

Tijdens de controle van de teeltvrije zone zijn medewerkers van Rijnland te herkennen aan de kleding waarop staat dat zij van Rijnland zijn. Niet altijd zullen zij zich bij u melden. Uitsluitend daar waar de teeltvrije zone niet juist is, zal Rijnland u daarop wijzen en krijgt u een periode de tijd, om het een en ander te corrigeren.

Gevolgen in geval van niet juist gebruik

Wanneer er gewasbeschermingsmiddelen en/of meststoffen in een sloot, dan wel binnen een teeltvrije zone (niet juist) zijn gebruikt, is er mogelijk sprake van een overtreding. Dit kan tot gevolg hebben dat u een boete krijgt. Daarnaast kunt u gekort worden op uw GLB-subsidie, indien u deze ontvangt. Ook wanneer de werkzaamheden in uw opdracht zijn uitgevoerd door derden (loonwerker).

Bufferstroken

In 2023 is de Uitvoeringregeling bufferstroken in werking getreden, welke in het Besluit activiteiten leefomgeving opgenomen zal gaan worden wanneer de Omgevingswet inwerking zal treden in 2024. Meer informatie over bufferstroken vindt u op: Alles over bufferstroken (rvo.nl)

Meer informatie over voorwaarden en randvoorwaardenkorting GLB-subsidie vindt u op: Alles over Gemeenschappelijk landbouwbeleid (rvo.nl)