Vrijheid, gelijkheid en broederschap

Vrijheid, gelijkheid en broederschap

De geest van de Franse revolutie waart al snel ook door Rijnland. Kort na de Bataafse Omwenteling verschijnt de slogan als kop boven alle keuren en bekendmakingen die dijkgraaf en hoogheemraden uitvaardigen. Eeuwenlang is de invloed van Rijnlands inwoners op het reilen en zeilen minimaal.

De hoogheemraden hebben het zogeheten “coöptatierecht”, het recht om vanuit eigen (vaak adellijke of hoog-burgerlijke kring) nieuwe bestuurders te kiezen en te benoemen. Leiden en Haarlem mogen van oudsher een hoogheemraad afvaardigen en tot 1841 behoudt het hoogheemraadschap zijn rechtsprekende bevoegdheid. “Institutioneel veranderde er niet zoveel tijdens de Bataafse Republiek”, vermeldt de geschiedschrijving van Rijnland daarom. In deze periode worden er wel voor het eerst verkiezingsreglementen en lijsten van stemgerechtigde ingelanden opgesteld. De Franse Revolutie met zijn ideaal van “Vrijheid, gelijkheid en broederschap” luidt daarmee een periode van hoop in. Hoop op verandering.